Als het om comfort gaat, worden elektrische auto’s vaak geroemd. Ze zijn stil, soepel en reageren alert zodra je het gaspedaal aanraakt. Maar wat minder vaak gezegd wordt: dat comfort kan voor gevoelige passagiers net een nachtmerrie worden. Steeds meer gebruikers melden namelijk een sterkere vorm van wagenziekte in elektrische auto’s, vooral op de achterbank. Het fenomeen neemt zulke proporties aan dat ook wetenschappers het nu onderzoeken. De oorzaak van het ongemak? Een verstoring van de gebruikelijke zintuiglijke referenties.
Even het kader schetsen: wagenziekte, ook wel kinetose genoemd, ontstaat door een conflict tussen de signalen die je evenwichtsorgaan, je ogen en je lichaam ontvangen. In een auto met verbrandingsmotor helpen het motorgeluid, de trillingen en de schokken het brein om bewegingen te voorspellen en te begrijpen dat je in beweging bent. Elektrische auto’s daarentegen rijden juist stiller en vloeiender, waardoor het brein die referenties mist. Het gevolg: desoriëntatie.
Een brein uit zijn lood geslagen
Volgens verschillende specialisten komt die desoriëntatie voort uit het feit dat ons brein nog geen ervaring heeft met deze nieuwe omgeving. Zonder de vertrouwde zintuiglijke signalen heeft het moeite om de bewegingen van een elektrische wagen correct in te schatten. De stilte van de motor maakt het alleen maar erger: terwijl het geluid van een verbrandingsmotor intuïtief een tempowissel aankondigt, blijft een elektrische auto stil. Dat verstoort het anticiperen op versnellingen of rembewegingen.
Advertentie – lees hieronder verder
Een studie uit 2020 bevestigde al dat het ontbreken van geluidssignalen het risico op misselijkheid bij passagiers aanzienlijk verhoogt. En er is nog een verergerende factor: de specifieke trillingen van elektrische auto’s lijken dat gevoel van ongemak nog te versterken.
Directe acceleraties helpen ook niet
Ook de rijstijl van elektrische auto’s lijkt het fenomeen te versterken. De abrupte versnelling die bestuurders zo waarderen, kan passagiers verrassen en desoriënteren, zeker als de bestuurder nog weinig ervaring heeft of het gaspedaal niet goed doseert. Het regeneratief remmen doet er nog een schepje bovenop: de auto vertraagt daarbij geleidelijk over een langere periode, en ook dat werkt desoriënterend.
Logisch dus dat vooral de passagiers misselijk worden. De bestuurder weet wat er komt en anticipeert daarop. Maar is er iets aan te doen? Onderzoekers denken van wel: door het brein nieuwe referenties aan te bieden. Denk aan visuele signalen in het interieur, zoals interactieve schermen of dynamische lichtstrips die meebewegen met de auto. Ook microtrillingen in de zetels of hoofdsteunen zouden kunnen helpen om lichaam en brein beter op elkaar af te stemmen. Tot dan is het een kwestie van ermee leren omgaan, zeker tijdens de vakantie...
Op zoek naar een auto? Zoek, vind en koop het beste model op Gocar.be