De cijfers van de Europese brancheorganisatie ACEA laten een keerpunt zien die nauwelijks te missen is. In augustus werden op de Europese markt 196.486 volledig elektrische auto's geregistreerd. Benzine kwam uit op 133.816 stuks, diesel op 45.403. Samen zijn fossiele wagens goed voor 179.219 wagens.
Over de eerste acht maanden hapte de elektrische auto 21,7 procent van de Europese markt weg, een stijging van bijna 6 procent tegenover dezelfde periode vorig jaar. Bovendien versnelt het tempo op ongeziene wijze. In juli bedroeg de stijging 57 procent tegenover het jaar voordien, in augustus was dat zelfs 62,7 procent. Deze cijfers zijn bemoedigend voor de decarbonisatie van het wegverkeer in Europa.
Advertentie – lees hieronder verder
Wijzigingen in de showroom
Maar, er zijn nuances die de cijfers wat glans ontnemen. Hybrides, met en zonder stekker, blijven de populairste motorisering en palmen 36,6 procent van de markt in. De overwinning aan het einde van de zomer gaat dus over de vergelijking met de klassieke verbrandingsmotoren, niet over de algemene koppositie. En in zekere zin is dit een logische kentering. De autofabrikanten bieden steeds minder van deze klassieke motorisaties aan, en al zeker geen diesels, waardoor klanten in hun keuze bijna als vanzelf naar geëlektrificeerde modellen worden gestuurd.
Een andere kwetsbaarheid is dat de beweging vooral op subsidies rust, zoals Duitsland dat een nieuw steunschema in het leven riep en Frankrijk dat blijft investeren in sociale leasing. Vallen die weg, dan zou de elektrische verkoop een forse knauw kunnen krijgen. Een andere stimulus zijn de torenhoge brandstofprijzen, een uitloper van de oorlogszones in het Midden-Oosten en Oekraïne. Die overtuigen kopers van de lagere eigendomskosten van elektrisch rijden. Maar ook al kunnen deze hoge pompprijzen nog een tijdje aanhouden, ze zijn notoir volatiel en oorlog is geen structurele invloed.
Meer dan dieselwagens
De Belgische cijfers van de eerste acht maanden vertellen hetzelfde verhaal, maar dan scherper gesteld. De totale automarkt in ons land zakte met 1,4 procent, maar de elektrische verkoop steeg met 13,1 procent (naar 108.879 exemplaren). Elektrische auto’s nemen zo bijna 38 procent van de Belgische nieuwmarkt in, ruimschoots boven het Europese gemiddelde.
De verliezers in ons land zijn net de tussenoplossingen en vooral diesel: plug-inhybrides zagen hun verkoop met 37,1 procent dalen, diesel met 21,9 procent. Statbel meldde onlangs dat er op de Belgische wegen nu minder dieselwagens rondrijden dan wagens met een stekker of een hybride aandrijflijn. Voor een land waarvan de inwoners ooit diesel door hun aderen hadden stromen, is dat opmerkelijk.
Advertentie – lees hieronder verder
Chinezen winnen
Ondertussen laat de omslag zich ook voelen op de fabrieksvloer. Het getroubleerde Volkswagen heeft de geplande extra ploegen voor de Golf en de Tiguan in Wolfsburg geschrapt, vanwege de veranderende vraag naar verbrandingsmotoren. De fabrieken voor elektrische auto’s doen net het omgekeerde. Emden en Zwickau krijgen minstens twee bijkomende diensten. De ID.3 Neo, sinds april op de Europese markt, loopt beter dan verwacht, en de ID. Polo is een echte publiekstrekker: meer dan 40.000 bestellingen sinds eind april en een wachttijd van ongeveer tien maanden.
Toch schuilen de grote winnaars alweer in de oosterse hoek. Samen zitten die Chinese spelers nu aan 9,6 procent van de EU-markt, de helft meer dan vorig jaar (6,2 procent). De grote winnaar is BYD, dat zijn Europese marktaandeel zag stijgen van 0,9 naar 2,4 procent. De ambitie van het merk is tien procent. Of de omslag definitief is, zal afhangen van het feit of de betaalbare elektrische auto het vanaf hier volledig kan overnemen van de subsidies.
Duizenden Belgische bestuurders volgen Gocar om op de hoogte te blijven en om de beste wagendeals te ontdekken. U toch ook? Blijf op de hoogte:
- Bezoek gocar.be regelmatig
- Volg Gocar op Google Nieuws
- Abonneer op de Gocar-nieuwsbrief