Jarenlang waren de lagere gebruikskosten hét argument voor de opmars van de elektrische auto. Maar nu de energieprijzen blijven schommelen, is het tijd om die rekensom opnieuw te maken. Dat is precies wat mobiliteitsorganisatie VAB deed tijdens zijn jaarlijkse praktijktests met compacte wagens.
De analyse vertrekt niet van officiële verbruikswaarden of theoretische scenario’s, maar baseert zich op echt gebruik en reële prijzen. Tien auto’s werden onder de loep genomen: vijf milde hybrides (MHEV), drie volledig elektrische modellen en twee benzinewagens zonder enige vorm van elektrificatie. Het doel? Een realistische energieprijs berekenen per 100 km. Het resultaat laat niets aan de verbeelding over: elektrisch rijden is niet langer de goedkoopste oplossing.
De cijfers: het oordeel van VAB
De cijfers die VAB publiceerde, laten een duidelijke rangorde zien. In dit segment kost 100 km rijden met een milde hybride gemiddeld 8,5 euro per 100 km. Dat maakt deze technologie tot de meest voordelige oplossing.
Advertentie – lees hieronder verder
Elektrisch rijden daarentegen komt tegenwoordig uit op een gemiddelde kostprijs van 10,20 euro per 100 km, als je oplaadt via publiek toegankelijke infrastructuur. Benzine blijft de duurste aandrijflijn, met een rekening van meer dan 11 euro per 100 km. Voor VAB is de conclusie duidelijk: investeren in een milde hybride is op dit moment financieel zinvol, in tegenstelling tot een volledig elektrische aandrijflijn, althans in deze gebruiksomstandigheden.
Publiek laden: de bepalende factor
Eén methodologisch aspect is wel belangrijk in deze studie. VAB heeft bewust scenario’s uitgesloten waarbij je thuis oplaadt aan een voordelig tarief of via zonnepanelen. De reden is simpel: de analyse focust op oplossingen die voor iedereen beschikbaar zijn, een essentiële voorwaarde voor een eerlijke vergelijking.
De berekeningen zijn dus gebaseerd op 25 laadsessies aan publieke trage laadpalen (tot 11 kW), met verschillende laadpassen zonder betalend abonnement. In dit opzet zou snelladen de factuur nog verder de hoogte in jagen. Deze aanpak legt een structureel probleem bloot: publiek laden is een grote kostenpost, die zelfs het economische voordeel van elektrisch rijden onderuit haalt. Maar er is ook een andere duidelijke vaststelling: mits een goed afgestemde thuisinstallatie (zonnepanelen enzovoort) en wat inzet van de gebruiker, kan elektrisch rijden nog altijd goedkoper zijn dan andere aandrijflijnen. Daar komen we straks op terug.
Elektriciteit: energie wordt duurder
Hoelang blijft dat zo? De elektriciteitsprijzen zijn de afgelopen jaren fors gestegen. De prijsontwikkeling over de voorbije tien jaar spreekt boekdelen. Terwijl diesel ongeveer 20% duurder werd en de benzineprijzen internationaal relatief stabiel bleven, stijgen de elektriciteitskosten veel sneller.
Trage publieke laadbeurten kosten vandaag meer dan dubbel zoveel als tien jaar geleden. Snelladen werd in diezelfde periode bijna 30% duurder. Zelfs thuisladen is flink gestegen in prijs: bijna 50% meer in korte tijd. De paradox is dus overduidelijk: de energietransitie leunt op een energiebron waarvan de kosten sneller stijgen dan die van klassieke brandstoffen.
Thuisladen: toch niet zo eenvoudig?
Op papier blijft thuisladen de goedkoopste optie, met een lagere kostprijs dan om het even welke andere aandrijflijn. Maar achter die schijnbare eenvoud schuilen bijzonder complexe tarieven. Factoren zoals het capaciteitstarief (alleen in Vlaanderen), laadsnelheid, tijdsvakken, variabele tarieven en tal van belastingen maken het haast onmogelijk om de werkelijke laadkosten thuis helder te berekenen.
Het systeem leidt zelfs tot tegenstrijdigheden: snel laden op momenten van overvloedige stroomproductie kan paradoxaal genoeg een hogere eindfactuur opleveren. Voor de automobilist wordt het optimaliseren van de laadkosten een lastige puzzel.
Bedrijfswagens: relatief beschermd
Tot slot is het belangrijk om te vermelden dat een groot deel van de EV-rijders vandaag met een bedrijfswagen rijdt. Thuisladen wordt in die gevallen doorgaans vergoed door de werkgever, op basis van de referentietarieven van de CREG. Maar ook daar wringt stilaan het schoentje: het verschil tussen de terugbetaling en de reële kosten neemt toe. Volgens VAB dreigen de huidige tariefmechanismen die vergoeding ontoereikend te maken, waardoor de gebruiker alsnog een deel van de prijsstijgingen zelf moet dragen.
De belangrijkste les uit de VAB-studie? Het huidige economische model van de elektrische auto staat ter discussie. Zolang publiek laden duur en ondoorzichtig blijft, zal het beloofde financiële voordeel vooral theoretisch blijven. Daartegenover staat dat milde hybrides vandaag het beste compromis bieden tussen kostprijs, gebruiksgemak en budgettaire voorspelbaarheid. En dat telt meer dan ooit, zeker bij de aankoop...
Op zoek naar een auto? Zoek, vind en koop het beste model op Gocar.be