Een lange motorkap, achterwielaandrijving en een silhouet dat je vanop honderd meter herkent: deze twee auto’s zijn wereldwijd erkende iconen. Toch verschillen hun roots grondig. In 1964 maakt de Mustang de sportieve coupé toegankelijk voor een breed publiek door onderdelen uit de massaproductie van Ford te gebruiken. En Jaguar? Dat merk vertaalt in 1961 zijn ervaring uit de autosport naar de openbare weg. Twee totaal verschillende werelden dus…
Motorisch rijplezier: Jaguar (met een neuslengte voorsprong?)
Dat klinkt allemaal mooi, denk je misschien, maar waarom twee modellen vergelijken die elkaars tegenpolen lijken? Wel, hier haalt de Mustang zijn geheime wapen boven: de beroemde K-Code, genoemd naar de letter K in het chassisnummer. En die K staat voor een heel andere machine dan de Mustang met de standaard zescilinder. We hebben het hier namelijk over niets minder dan de krachtigste Mustang, als we de Shelby buiten beschouwing laten. Hij kreeg dan ook de bijnaam ‘HiPo’, een afkorting van ‘High Performance’.
Advertentie – lees hieronder verder
De technische fiche liegt er inderdaad niet om. De 4.7 V8 behoudt zijn stoterstangen, maar krijgt een grondige oppepper met een scherpere nokkenas, een grote viervoudige carburateur en mechanische klepstoters. Het resultaat? 271 pk bij 6.000 tr/min. Eerst wordt hij uitsluitend gekoppeld aan een handgeschakelde vierversnellingsbak en zijn prestaties zijn ronduit indrukwekkend. Met een opzwepend mechanisch staccato klimt deze motor in de toeren met een gretigheid die ongezien is voor een Amerikaanse V8.
Genoeg om de Jaguar E-Type eindelijk het zwijgen op te leggen? Nee, want vanaf 1964 ondergaat de elegante Brit zijn eerste grote evolutie. De XK-zescilinder met dubbele bovenliggende nokkenassen, die al vijf keer Le Mans had gewonnen (een knap palmares), wordt uitgeboord tot 4,2 liter. Tegelijk krijgt de versnellingsbak, nog altijd met vier verhoudingen, eindelijk volledige synchronisatie. Welgekomen verbeteringen, ook al blijft het vermogen onveranderd op 265 pk en levert de motor wat vinnigheid in voor meer koppel bij lage toerentallen. Dankzij zijn lagere gewicht laat de Jaguar de Mustang achter zich, met een ingehouden maar bijzonder gedistingeerd motorgeluid.
Wat kies je dan: een bak Budweiser of een glas uitstekende wijn? Beide hebben hun aanhangers, maar we moeten toegeven dat de cocktail van de Jaguar, met die eindeloze motorkap voor je neus, toch wat meer klasse uitstraalt.
Weggedrag: voordeel Jaguar, zijn racegenen liegen niet
De K-Code geeft niet alleen de grote V8 extra ademruimte. Ook het onderstel wordt aangepakt en de directere besturing maakt de Mustang K-Code aanzienlijk preciezer dan zijn gewone broertjes. Een verschil van dag en nacht. Op mooi, glad asfalt nodigt hij je uit om de grenzen op te zoeken…
Advertentie – lees hieronder verder
Hoe indrukwekkend die metamorfose ook is, de starre achteras en trommelremmen achteraan kunnen niet op tegen de Jaguar, waarvan het ontwerp rechtstreeks afstamt van de racewagens die Le Mans wonnen. Met zijn vier onafhankelijk opgehangen wielen, tandheugelbesturing en vier schijfremmen is de E-Type veel preciezer en dynamischer dan zijn Amerikaanse rivaal.
Een weekendje weg: voordeel Mustang, met veel meer binnenruimte
In zijn Fastback-uitvoering levert de Ford Mustang wat binnenruimte in, maar hij biedt nog altijd twee kleine zitplaatsen achteraan met neerklapbare rugleuning. De koffer? Een heus bagageruim! En wat de binnenruimte betreft, verloochent de Mustang zijn Amerikaanse afkomst niet: zelfs stevig gebouwde liefhebbers van grote T-bonesteaks zitten hier comfortabel.
Aan boord van de Brit is het een heel ander verhaal: daar zit je een stuk krapper. Vanaf 1964 worden de zetels wel comfortabeler, maar de E-Type blijft een kleine, nauwe auto. Lange mensen zijn gewaarschuwd. Daar komen nog de warmte van de transmissietunnel en het ontbreken van achterzetels bij. De E-Type 2+2 volgt in 1966, maar de achterzetels zijn zo krap dat je je afvraagt of de kinderbescherming er niet aan te pas moet komen.
Onderhoud en betrouwbaarheid: gelijkspel
Beide modellen zijn door heel wat specialisten door en door gekend, al zijn Ford Mustangs K-Code die nog volledig in originele fabrieksuitvoering verkeren zo goed als onvindbaar. Maar vergeet niet: dat veel specialisten deze auto’s kennen, betekent niet dat je ze zomaar aan iedereen kunt toevertrouwen. Zoek de juiste vakman door goed rond te luisteren, want deze modellen hebben hun eigen bijzonderheden.
Mits ze regelmatig en correct onderhouden worden, zijn beide modellen betrouwbaar en kunnen ze je probleemloos ver brengen. Defecten zijn vaak het gevolg van gebrekkig onderhoud of onderdelen van bedenkelijke kwaliteit. Over het algemeen zijn onderdelen probleemloos verkrijgbaar, op enkele zeldzame, specifieke details na, vooral bij de Mustang.
Ook de mogelijkheden om beide modellen te upgraden zijn vrijwel eindeloos: een vijfversnellingsbak, krachtigere remmen, bredere banden, aangepaste ophanging en zelfs airconditioning of injectie…
Budget: voordeel Mustang
Beide modellen zijn vandaag wat uit de gratie geraakt. De uiterst zeldzame Mustang K-Code vertegenwoordigde destijds amper 1% van de totale Mustang-verkoop. Je moet dus bijzonder goed zoeken om een authentiek exemplaar te vinden… en vervolgens zorgvuldig controleren of het wel echt is. Toch mag je ondanks die zeldzaamheid rekenen op een prijs tussen 60.000 en 85.000 euro, afhankelijk van de staat, de koetswerkvariant (coupé, cabriolet of Fastback) en de mate waarin de auto nog overeenkomt met zijn oorspronkelijke uitvoering.
Bij Jaguar liggen de prijzen hoger, ook al is de waarde van de E-Type de voorbije jaren flink gedaald. Een mooie Series 1 coupé in goede staat vind je niet voor minder dan 80.000 euro. En zelfs dan zul je wellicht nog wat moeten onderhandelen. Voor de allermooiste exemplaren betaal je een pak meer, vaak ruim boven de 120.000 euro.
Onze keuze? Een verscheurend dilemma…
In deze Fastback K-Code-uitvoering is de Mustang erg aantrekkelijk. Hij behoudt zijn onweerstaanbare looks, maar krijgt eindelijk een sportief karakter en een betoverende V8, zonder zijn gebruiksgemak en onderhoudsvriendelijkheid op te offeren. De verleiding om voor de Amerikaan te vallen is dan ook bijzonder groot. Maar daartegenover staat een welbekende Jaguar met een adembenemend design dat nooit zal verouderen. De E-Type is oneindig veel eleganter en verfijnder dan de Ford, rijdt aanzienlijk dynamischer en herinnert je voortdurend aan zijn prestigieuze afkomst. Welke van de twee kiezen we dan? Uiteindelijk zwichten we toch voor de Britse schone, al dromen we af en toe nog van het woeste gebrul van de Amerikaanse V8 en zijn stoere, rebelse uitstraling…
Zin gekregen in een van deze klassiekers? Je vindt de zoekertjes op Autoclassic.be. Voor alles over de O-plaat en de regelgeving kun je terecht bij BEHVA.
Duizenden Belgische bestuurders volgen Gocar om op de hoogte te blijven en om de beste wagendeals te ontdekken. U toch ook? Blijf op de hoogte: