Laten we eerlijk zijn: de brandstofprijzen zullen waarschijnlijk nooit meer zakken tot een ‘betaalbaar’ niveau. Tijdens recente crisissen schoten de prijzen naar ongekende hoogten. Zo overschreden ze tijdens de Russische invasie in Oekraïne zelfs ruimschoots de 2 euro per liter. Gelukkig zijn de olieprijzen intussen wel gezakt en voorlopig vrij stabiel.
Dat gezegd zijnde: de inflatie treft iedereen en gezinnen letten steeds meer op hun uitgaven. Dat geldt natuurlijk ook voor energie en brandstof, onvermijdelijke kostenposten voor wie met de auto rijdt. In die context is elk advies om de kosten te drukken welkom. En precies daar komt ADAC op de proppen met een bijzondere, maar gemakkelijk toepasbare tip: tanken op welbepaalde tijdstippen. Volgens hun analyse tank je het best ’s ochtends vroeg of ’s avonds tussen 18 en 22 uur.
Meer brandstof op bepaalde momenten?
Waarom precies die tijdstippen? Omdat de lagere temperaturen de brandstof dichter maken. Simpel gezegd: bij een gelijk volume bevat een liter dan meer bruikbare energie. Een fysiek detail dat volgens ADAC tot 10 cent per liter kan opleveren. Op een volle tank van 50 liter betekent dat al snel 5 euro besparing. Deze gewoonte klinkt misschien verrassend, maar ze steunt op de thermische eigenschappen van vloeistoffen en dus op reële, fysische wetten.
Advertentie – lees hieronder verder
Een volle tank tegen verdamping
Maar daar stopt het advies van de Duitse vereniging niet. Ze geeft nog een tip om onzichtbaar brandstofverlies te beperken: telkens je gaat tanken, vul je best je reservoir helemaal. Waarom? Omdat een halflege tank meer lucht toelaat, wat de verdamping van brandstof in de hand werkt. En dat betekent energieverlies.
Tot aan de rand tanken zou dus helpen om brandstof efficiënter te bewaren. Ook dit advies klinkt misschien niet intuïtief, maar het is opnieuw gebaseerd op technisch onderbouwde inzichten. En in tijden waarin elke cent telt, is het zeker een strategie die zuinige bestuurders kan aanspreken.
Wegblijven van tankstations langs de snelweg
Tot slot waarschuwt ADAC voor tankstations langs autosnelwegen. De prijzen liggen daar bijna altijd een pak hoger dan bij andere tankstations. Volgens de organisatie kan het verschil oplopen tot wel 50 cent per liter. In ons land ligt dat verschil iets lager, eerder rond de 30 à 40 cent. Maar ook dat voel je: op een tankbeurt van 40 liter betaal je dan ongeveer 14 euro extra. Geen kleinigheid.
Maken die tankstations langs de snelwegen dan misbruik van hun ligging? Niet helemaal. Het prijsverschil heeft vooral te maken met de specifieke verplichtingen die aan deze uitbaters worden opgelegd: ze moeten 24 uur per dag open zijn, er moet altijd personeel aanwezig zijn en brandstof moet continu beschikbaar zijn. Al die eisen zorgen voor hogere operationele kosten, en die worden uiteraard doorgerekend in de prijs aan de pomp.
Lagere prijzen, maar nog altijd hoog
Over het algemeen blijven de prijzen al enkele weken vrij stabiel, ondanks de spanningen tussen Israël, Iran en de Verenigde Staten. Sinds mei schommelt de prijs van benzine rond de 1,62 à 1,63 euro per liter. Diesel is iets grilliger: in mei stond de prijs op 1,66 euro per liter, in juni ging die omhoog naar 1,71 euro, en vandaag bedraagt hij 1,78 euro per liter, volgens de tarieven van de FOD Economie. Uiteraard speelt de concurrentie ook mee, waardoor de prijzen kunnen verschillen per regio en per gemeente.
Duizenden Belgische bestuurders volgen Gocar om op de hoogte te blijven en om de beste wagendeals te ontdekken. U toch ook? Blijf op de hoogte:
- Bezoek gocar.be regelmatig
- Volg Gocar op Google Nieuws
- Abonneer op de Gocar-nieuwsbrief