We hebben het over Yasa, een Britse toeleverancier die op korte tijd is uitgegroeid tot een vaste waarde onder de meest benijdenswaardige automerken. De technologie van het bedrijf, axiale e-motoren, klinkt misschien als iets uit een fysicaboek, maar voor toppers als Ferrari, Lamborghini en McLaren is het pure noodzaak.
Pannenkoekenmodel
Hoe dat zit? De nieuwe generatie sportieve (plug-in)hybride GT’s draait zowat unisono op die compacte, schijfvormige e-motoren van Yasa die veel krachtiger zijn dan hun omvang doet vermoeden. In plaats van de klassieke “worstvormige” motoren — radiale motoren, technisch gezegd — kiest Yasa voor het pannenkoekenmodel: ultradun, licht en verrassend krachtig. Dat laat merken toe om hun verbrandingsmotoren te downsizen zonder dat er ook maar een spaander adrenaline op het offeraltaar belandt. Of dat is althans de bedoeling.
Ferrari was de eerste die Yasa’s motor in serieproductie stak, met de SF90 Stradale. Daarna volgden de 296 GTB en intussen draait zowat driekwart van Ferrari’s productie op deze Britse hulpkrachtbron. Lamborghini ging nog een stap verder: de Revuelto kreeg twee motoren op de vooras, de nieuwe Temerario zelfs drie, goed voor een totaalvermogen tot boven de 900 pk. En dan hebben we het nog niet over McLaren of Koenigsegg gehad, die ook op het lijstje staan. Ondanks de Britse roots was enkel Aston Martin de grote afwezige op de klantenlijst, maar ook dat zou binnenkort tot het verleden behoren.
Advertentie – lees hieronder verder
Technisch is het verhaal straf. Door hun axiale-fluxtechnologie (waarbij koppel wordt opgewekt met een magnetisch veld dat evenwijdig loopt aan de rotatieas) leveren Yasa’s e-motoren tot vier keer meer koppel dan conventionele (radiale flux), zijn ze dubbel zo krachtig per kilogram en steken amper 20 procent uit in de lengte. Eén motor haalt tot 480 pk en 800 Nm uit een blok van 24 kilogram — dat is Formule 1-niveau verpakt op het formaat van een pizzadoos.
Shoppen bij de aartsrivaal
Mercedes had het potentieel al vroeg in de smiezen, en kocht vier jaar geleden het bedrijfje helemaal over. Dat Yasa ondanks zijn Duitse moederbedrijf ook aan de slag mag voor Lamborghini — een dochter van aartsrivaal Audi — zegt veel. “Een symbool van vrijheid,” zegt commercieel directeur Andy North daarover tegen Automotive News. Mercedes laat Yasa bewust als een los spurtende speedboot opereren, terwijl het zelf als tanker verder stoomt. Geen logge procedures dus, maar snel schakelen, innovatief blijven en tegelijk anderen beleveren. Het is geen onverstandige strategie.
Ook de pas geopende fabriek, de eerste in zijn soort, is niet langer een atelier, maar een echte motortempel net buiten Oxford. De elektrische aandrijfspecialist steekt daarmee een duidelijk seinvuur af: de axiale-fluxmotor is klaar voor het grote werk. Met een jaarcapaciteit van 25.000 eenheden mikt Yasa resoluut op elke uithoek van de sportwagenmarkt, terwijl het al een stevige voet aan grond heeft.
Mercedes kijkt ondertussen al een stukje verder om de hoek. In zijn fabriek in Berlijn wordt gewerkt aan een AMG-model dat straks volledig elektrisch rijden met technologie van Yasa onder de huid. Het doel is duidelijk: kosten naar beneden, technologie opschalen, en ooit ook de volumemarkt overtuigen.
Maar daar ligt nu nog niet de focus. Dat de elektrische supercar voorlopig een bittere pil blijft voor automerken én klanten is ook Yasa niet ontgaan. “Hybrides zijn momenteel gewoon leuker om te rijden dan volledig elektrisch,” zegt oprichter Tim Woolmer daarover. “Ze zijn lichter, levendiger en onze motoren geven die extra punch. We doen wat we goed kunnen, en houden ondertussen de markt scherp in de gaten.” Maar het zou niet de eerste technologie zijn die vanuit de top van de piramide zijn ingang vindt naar de bredere lagen van de automarkt.
Op zoek naar een auto? Zoek, vind en koop het beste model op Gocar.be