Eerst wat context. Het moederbedrijf van Omoda, geflankeerd door zustermerk Jaecoo, is Chery, in China al jaren een mastodont. De groep is goed voor miljoenen auto’s per jaar, een portfolio waar een kat haar jongen niet meer in terugvindt en de grootste auto-exporteur van het land. Maar Europa is natuurlijk andere koek, met een bastion van gevestigde spelers die niet zomaar de pretzels of het knäckebröd van hun bord laten stelen. Zijn start heeft Omoda alvast niet gemist. Onder de Chinese merken is het een van de sterkere stijgers in Europa en na niet onopgemerkt gebleven successen in Spanje, waar een fabriek in de maak is, zet de overgekomen baas Darren TU zijn schouders onder België.
Enter de vaandeldrager 9 SHS, die na de voorspelbare compacte cross-over 5, een klasse hoger reuring wil veroorzaken. Het is een uit de kluiten gewassen SUV van 4,8 meter met plug-inhybride technologie (SHS staat voor Super Hybrid System). Hij oogt best voornaam, zij het een tikkeltje aan de generieke kant. Wie wil weten welke Duitse inspiratie Omoda aanstak, moet het portier maar openen. De stoelverstelling in de deurpanelen? Rechtstreeks uit de Mercedes-catalogus. Het schuifdeksel over de bekerhouders? Al gezien in een C-Klasse. Zelfs de versnellingshendel achter het stuur lijkt zo weggelopen uit een E-klasse van tien jaar geleden.
Het is een beetje schaamteloos, ja, maar ook doeltreffend, want de cabine geeft geen slechte eerste indruk. Tot je van dichtbij kijkt: een wat krakkemikkig dashboardkastje, goedkope knoppen, en stoelen die je te hoog zetten en je achterwerk op smalle zijkanten klemmen. Premiumlook, economyfeel. Zoiets.
Advertentie – lees hieronder verder
Chinese fetisj?
Op papier trekt de Omoda 9 niet onbeslagen ten ijs. Een 1.5-turbo-viercilinder (krek dezelfde cilinderinhoud als wat concurrent BYD in zijn plug-inhybrides mikt - het lijkt wel een fetisj onder Chinese merken) die samenwerkt met twee elektromotoren: eentje vooraan en een tweede achteraan die enkel bijspringt bij tractieverlies of in de offroadstand.
Met 538 pk en 650 Nm hebben de drie motoren totaal geen kracht tekort. Deze knaap sprint in 4,9 seconden naar de honderd, sneller dan veel hot hatches. De LFP-batterij is ook niet min. Met 34,5 kWh levert ze volgens WLTP tot 145 kilometer elektrisch rijbereik op, en dankzij de 70 liter grote benzinetank claimt Omoda een totale actieradius van ruim 1.100 kilometer. Daarmee breng je zelfs een diesel aan het blozen.
Belangrijk detail: de Omoda rijdt het grootste deel van de tijd elektrisch (ook weer zoals bij het DM-i-systeem van BYD). De elektromotoren doen het werk, de benzinemotor komt discreet een handje helpen waar nodig of laadt de accu bij op lange trajecten. Je kan zelf kiezen om elektronen te sparen voor in de stad, of alles in elektrische modus meteen leeg te rijden. De aandrijflijn werkt soepel en stil. Het overschakelen tussen benzine en elektrisch gebeurt haast onmerkbaar, en zelfs wanneer de motor aanslaat, houdt zijn stem het op een fluisteren. In dit opzicht komt de Omoda verrassend gerijpt over.
Realiteit van de weg
Toch komen er op het asfalt een paar tekortkomingen boven. Zijn mooie kant? De elektromagnetische ophanging (met een computergestuurde actuator in plaats van afzonderlijke veren en dempers) zorgt voor een comfortabel onderstel, zelfs al rij je op - premium oblige - 20-duimers. De demping is zacht, de isolatie levert goed werk. Op de snelweg voelt hij stil en sereen, perfect om kilometers te vreten. Maar daarbuiten? In bochten helt hij fors over, over verkeersdrempels deint hij na en op oneffen asfalt raakt hij uit zijn hum. Eerlijk? Van een “premium” SUV mag je meer verwachten.
De besturing helpt ook niet mee. Licht, indirect, zonder veel gevoel. Je krijgt nooit het idee dat je precies weet wat de voorwielen doen. Voeg daar nog een merkwaardig trage gasrespons aan toe en je begrijpt dat de sportief ingestelde bestuurder hier niets te zoeken heeft. Vergeleken met een BMW X3 of Volvo XC60 moet de alertheid van de Chinees het onderspit delven. Dan zijn er nog de rijassistenten. De rijstrookassistent is ronduit frustrerend. In plaats van je rustig in het midden van de rijstrook te houden, pingpongt de Omoda nerveus tussen de lijnen.
Ruimte en luxe: op z’n Chinees
Qua ruimte laat de Omoda 9 weinig te wensen over. Achterin beschik je over royaal veel been- en hoofdruimte, de panoramische dakpartij maakt het licht en luchtig. De koffer claimt 660 liter, al lijkt dat cijfer met de nodige creativiteit berekend. De hoge vloer beperkt de bruikbaarheid, en de laadruimte is minder veelzijdig naast sommige Europese modellen. Maar praktisch blijft het allemaal wel: grote klep, vlakke vloer, en een elektrisch neerklapbare rugleuning.
De uitrusting is ronduit gul. Voor net geen 53.000 euro krijg je verwarmde én geventileerde stoelen voor- en achteraan, een Sony-geluidsinstallatie, een head-updisplay, adaptieve cruisecontrol, en een stemgestuurde assistent die helaas te enthousiast alle rijmodi in je oor tettert. Het infotainment ziet er fraai uit, maar de logica laat soms te wensen over: functies zitten diep verstopt, waardoor je snel opzij naar het fysieke knopje grijpt. Gelukkig heeft Omoda die nog niet afgeschaft.
Premium, of eerder bijna?
En dan komt de hamvraag: is dit premium? Als je puur naar cijfers en uitrusting kijkt: ja. De Omoda 9 biedt prestaties, technologie en luxe die je in een Duitse SUV minstens een rib en een nier meer kosten. Maar premium is meer dan specificaties. Het is de verfijning van de bediening, de subtiliteit van de afwerking, het vertrouwen in de wegligging. En daar zitten nog een paar kiezels in het schoentje. De Omoda 9 voelt als een eervolle eerste poging, maar niet als een auto die de gevestigde orde nerveus gaat maken.
Omoda weet dat wellicht ook. Daarom positioneren ze de 9 gewiekst: goedkoper dan Duitse favorieten, maar rijker uitgerust dan bijvoorbeeld de Koreaanse modellen. Daarmee zit hij in een spagaat waar hij kopers kan vinden – mensen die veel auto voor hun geld willen, en het niet erg vinden dat het logo op de neus nu nog eerder vraagtekens dan begeerte opwekt.
Conclusie
Als tweede debuut, na de 5, slaat de Omoda 9 SHS de bal niet mis. Hij toont hoe razendsnel de Chinese merken evolueren, van obscure kopieën naar volwaardige spelers. Hij overtuigt met zijn stille aandrijflijn, royale ruimte en rijke uitrusting. Maar hij mist de finesse die nodig is om écht premium te zijn. Wie nuchter rekent, krijgt bij deze auto waar voor zijn geld: een plug-in SUV met een dijk van een actieradius gekoppeld aan opbeurende prestaties. Maar emotiezoekers of bochtenpikkers kijken beter elders.
- Zeer ruime actieradius (EV en totaal)
- Rijk uitgerust: alles standaard
- Stille en soepele aandrijflijn
- Ruimte achterin
- Hoge en smalle stoelen
- Indirect stuurgevoel
- Rommelig infotainment en opdringerige assistenten
- Nog geen premiumverfijning
Omoda 9 SHS in cijfers
Motor: benzine, viercilinder, 1499 cm³ + twee elektrische motoren
Totaal gecombineerd vermogen: 538 pk en 650 Nm
Batterij: 34,4 kWh
Aandrijving: voorwielen
Versnellingsbak: traploos, enkele overbrenging
Afmetingen (l/b/h): 4775/1920/1671 mm
Leeggewicht: 1.805 kg
Koffervolume: 660 tot 1.783 liter
0–100 km/u: 4,9 sec
Topsnelheid: 180 km/u
Verbruik (WLTP): 1,7 l/100 km
CO₂-uitstoot: 38 g/km
Prijs: € 52.900
BIV: Vlaanderen: € 55,88 – Wallonië: € 1.637,94 – Brussel: € 6.108,41
Verkeersbelasting: Vlaanderen: € 155,6 – Wallonië/Brussel: € 300,96
Op zoek naar een auto? Zoek, vind en koop het beste model op Gocar.be