De transportministers van de 27 EU-landen hebben in Brussel het voorstel van de Europese Commissie afgewezen om een jaarlijkse keuring verplicht te maken voor auto’s en bestelwagens ouder dan tien jaar. Voorlopig blijft dus de huidige EU-regel gelden: een technische controle elke twee jaar. In verschillende lidstaten, zoals Frankrijk en Duitsland, geldt die tweejaarlijkse keuring zelfs al vanaf het vierde jaar na de eerste inschrijving.
De Commissie wilde echter verder gaan. Volgens de Europese uitvoerende macht zou een jaarlijkse controle de verkeersveiligheid verhogen en de vervuilende uitstoot beter in toom houden, als onderdeel van een update van de regels uit 2014. Maar de ministers kozen ervoor om alles bij het oude te laten. Hun belangrijkste argument: geen extra kosten voor de eigenaars. Een opvallende redenering, zeker als je bedenkt dat elk ongeval door een technisch defect uiteindelijk veel duurder uitvalt dan een keuring. Toch?
België houdt zijn voertuigen in de gaten
Deze terughoudendheid steekt scherp af tegen de situatie in België. Bij ons blijft de technische keuring een hoeksteen van het verkeersveiligheidsbeleid. In zowel Vlaanderen als Wallonië moeten voertuigen van tien jaar en ouder elk jaar naar de keuring. Voor recentere wagens geldt dan weer een soepeler systeem: in Vlaanderen mag je om de twee jaar langsgaan zolang je auto minder dan acht jaar oud is én onder de 160.000 kilometer blijft. In Wallonië is de leeftijdsgrens dezelfde, maar ligt de kilometertellerlimiet op 110.000 kilometer.
Advertentie – lees hieronder verder
Die evolutie zorgde al snel voor speculatie. Omdat de keuringscentra, zeker in het noorden van het land, met logistieke uitdagingen kampen, vroegen sommigen zich af of het tweejaarlijkse schema niet zou worden uitgebreid naar auto’s ouder dan tien jaar. Maar dat gebeurt niet. In België blijft de strikte opvolging van oudere voertuigen overeind, en dat mag gerust als een voordeel voor alle weggebruikers worden gezien.
Verborgen kosten van oude voertuigen
De lidstaten die tegen een jaarlijkse keuring zijn, halen vooral de kosten voor automobilisten aan. Dat argument klinkt natuurlijk goed bij het grote publiek, maar maskeert andere — minder zichtbare — kosten. Een slecht onderhouden wagen is niet alleen een risico voor de eigenaar, maar belast ook de gezondheidszorg, de verzekeraars en de samenleving wanneer een vermijdbaar ongeval gebeurt. De EU herinnerde er onlangs nog aan dat vorig jaar zo’n 19.800 mensen om het leven kwamen op Europese wegen. We staan dus nog mijlenver van de ambitie om tegen 2050 nul verkeersdoden te halen …
Toch betekent de weigering van de Europese ministers niet dat het dossier van tafel is. Op EU-niveau ligt er nog niets vast. Hun standpunt heeft geen wettelijke kracht en moet nog worden afgetoetst aan dat van het Europees Parlement, dat zich nog moet uitspreken. Bij meningsverschillen zal er dus een compromis nodig zijn over de keuringsintervallen. Maar dat was maar één onderdeel van de beoogde hervorming. De 27 lidstaten hebben intussen wél al andere delen goedgekeurd, zoals nieuwe methodes om de uitstoot van stikstofoxiden en fijnstof te meten, én sterkere maatregelen tegen kilometertellerfraude (zoals Car-Pass). En dat is goed nieuws, want het merendeel van de fraudegevallen die in België worden ontdekt, komt van ingevoerde voertuigen.
Op zoek naar een auto? Zoek, vind en koop het beste model op Gocar.be