TEST Honda CB500F: straatrat met manieren
Bij Honda heb je de keuze uit twee naakte paralleltwin opstappers: de NC750S of de CB500F. Pure, functionele mobiliteit in het eerste geval of functionele mobiliteit met wat meer pit als het over de 500 gaat. Om het van bij de eerste aanblik duidelijk te maken dat er met de CB op jonge aspirant straatvechtertjes wordt gemikt, kreeg hij begin dit jaar een sportieve makeover. Straatrat met manieren In het verleden stond de CB500F onterecht in de schaduw van de NC-reeks. Ze hadden nagenoeg hetzelfde prijskaartje en daarom werd er gemakkelijk geopteerd voor de zwaardere van de twee. Niet de slimste keuze voor jongelingen die met de motor beginnen rijden omdat ze gefascineerd zijn door acceleraties en de dynamiek van een gemotoriseerd voertuig op twee wielen. De NC’s zijn mobiliteitsoplossingen; uitermate praktisch en gebruiksvriendelijk, maar net zo pittig als een krop sla. Gezond, dat wel, maar afsmaken doet het niet meteen. De CB levert nagenoeg hetzelfde vermogen uit een kleiner blokje, wat wil zeggen dat het koppelverloop minder als een kaarsrechte zoutvlakte loopt. Je moet dus je schakelmomenten leren timen wil je opschieten, wat eigenlijk essentieel deel uitmaakt van het leerproces dat je als motorrijder doorloopt.