De voorbije maanden worden automobilisten geconfronteerd met regelmatige stijgingen van de brandstofprijzen. Geopolitieke spanningen verstoren handelsroutes, terwijl verschillende aanvallen de raffinagecapaciteit onder druk zetten. In die omstandigheden probeert de Belgische automobilist op alle mogelijke manieren te besparen, onder meer door minder kilometers te rijden.
Verschillende partijen willen dat de regering minstens tijdelijk maatregelen neemt om het gezinsbudget te ontlasten. Het omgekeerde cliquetsysteem ligt onder meer op tafel voor het volgende begrotingsconclaaf, maar de activering ervan zou 200 miljoen euro per maand kosten aan de federale begroting. Het is in die context dat de PVDA via een parlementaire vraag wilde weten wat er precies in de garages van de verschillende federale ministers staat. Daarbij werd niet alleen naar de dienstwagens gekeken, maar ook naar leasingcontracten, chauffeurs en tank- of laadkaarten.
Advertentie – lees hieronder verder
In totaal werden vijftien kabinetten bevraagd. Volgens de door de PVDA verzamelde gegevens gaat het om 55 voertuigen, met samen 53.587 euro aan maandelijkse leasingkosten. Op jaarbasis loopt de rekening dus op tot meer dan 643.000 euro. Daarbij gaat het bovendien om een onvolledig overzicht, want niet alle kabinetten bezorgden rechtstreeks alle gevraagde gegevens.
Voorkeur voor groot en duur
Wie verwachtte dat ministers hun voorbeeldfunctie zouden uitdragen en vooral voor bescheiden gezinswagens zouden kiezen, komt bedrogen uit. In het algemeen neigen ze naar premium SUV’s in plaats van rationele gezinsauto’s. De duurste opgegeven wagen is die van Theo Francken (N-VA): zijn Audi Q7 kost 2.599,89 euro per maand. Daarna volgt de Volvo XC90 van Bart De Wever (N-VA), met een maandelijkse leasingprijs van 1.791,17 euro. De beschikbare gegevens tonen in elk geval dat verschillende grote premium-SUV's een prominente plaats innemen in het wagenpark.
Geen van deze modellen is volledig elektrisch. Het gaat blijkbaar om plug-inhybride versies, wat gezien de hoge kilometerstanden die ministers voor hun functie afleggen ook enigszins te begrijpen valt. Je kunt je voorstellen dat een minister en zijn gevolg niet bepaald de tijd hebben om onderweg een halfuur aan een laadpaal te staan en een koffie te drinken. Hoe dan ook: het goede voorbeeld geven op klimaatvlak of besparen op het budget zal voor een andere keer zijn.
Het wagenpark van De Wever illustreert die mix goed, met twee Volvo XC90's, een XC60, een elektrische EC40, een Mercedes CLA Shooting Brake en een BMW i4. Het kabinet-Jambon beschikt dan weer over vijf plug-inhybride Volvo's van het type XC90 en XC60, aangevuld met twee elektrische modellen: de EX40 en EX30.
Advertentie – lees hieronder verder
Zeven, zes, vier
De omvang van de wagenparken volgt min of meer de politieke hiërarchie. Jan Jambon en David Clarinval (MR, minister van Werk, Economie en Landbouw) beschikken elk over zeven voertuigen, een gedeeld record. Het kabinet van premier Bart De Wever telt er zes. Bernard Quintin (MR, minister van Binnenlandse Zaken), Frank Vandenbroucke (Vooruit, minister van Volksgezondheid), Annelies Verlinden (CD&V, minister van Justitie) en Vincent Van Peteghem (CD&V, minister van Begroting en Administratieve Vereenvoudiging) geven elk vier voertuigen op. Bij Theo Francken valt dan weer iets anders op: zijn kabinet heeft drie chauffeurs voor amper twee auto’s …
Gentse piste
Eén gegeven springt er bijzonder uit. En het is opvallend Belgisch, wat uiteraard geen nadeel hoeft te zijn. Van de opgegeven voertuigen draagt ruim de helft het Volvo-logo: twintig Volvo's tegenover negen BMW's en een handvol Audi's, Mercedessen, Skoda's en andere merken. Een overwicht dat wellicht niet helemaal toevallig is.
Want Volvo betekent in België vooral de autofabriek in Gent, de laatste van het land sinds de sluiting van Audi Brussels. Ze stelt meer dan 6.000 mensen tewerk en behoort tot de grootste industriële werkgevers van Vlaanderen. In 2025 rolden er 212.177 auto's van de band, waarvan een steeds groter aandeel elektrische modellen. Afgelopen juli pompte Vlaanderen nog 119 miljoen euro aan overheidsgeld in de fabriek om haar concurrentiekracht en directe werkgelegenheid veilig te stellen. Hoewel de XC90 en XC60 niet in België worden gebouwd, geeft een minister die voor een Volvo kiest dus ook een politiek signaal. En dat is slim gezien.
De PVDA zelf legt uiteraard een heel andere klemtoon dan die industriële verankering. Fractieleider Sofie Merckx stelt dat ministers dankzij hun dienstwagens, chauffeurs en tankkaarten op kosten van de overheid de stijgende prijzen aan de pomp niet op dezelfde manier voelen als burgers die zelf hun brandstof betalen. De partij gebruikt de cijfers dan ook om haar vraag naar lagere accijnzen kracht bij te zetten. Of die kritiek terecht is, mag iedereen voor zichzelf uitmaken.
Duizenden Belgische bestuurders volgen Gocar om op de hoogte te blijven en om de beste wagendeals te ontdekken. U toch ook? Blijf op de hoogte:
- Bezoek gocar.be regelmatig
- Volg Gocar op Google Nieuws
- Abonneer op de Gocar-nieuwsbrief