Auto’s die gebouwd werden tussen het einde van de jaren tachtig en het begin van het nieuwe millennium vormen een mooi evenwicht. Ze zijn modern genoeg om nog bruikbaar te zijn, maar tegelijk eenvoudig genoeg om een eeuwigheid mee te gaan. Vaak klopt dat ook, maar er bestaan wel degelijk uitzonderingen.
Dat is vandaag extra belangrijk omdat – zoals we wel vaker zeggen – de verzamelaar tegenwoordig ook een gebruiker is. Hij zoekt een bijzondere auto om zijn verplaatsingen wat meer karakter te geven, of dat nu is om brood te halen of om op vakantie te vertrekken. Maar let op: zelfs al is de verzamelaar-gebruiker vandaag veel beter geïnformeerd dan vroeger (iets waar we natuurlijk graag bij helpen), nostalgie en de drang naar een nieuw speeltje maken het huiswerk soms wat minder grondig. Dit zijn vijf modellen die als onverwoestbaar bekendstaan, maar dat in werkelijkheid niet helemaal zijn…
Porsche Boxster 986
Dit is simpelweg het model dat Porsche gered heeft. Het merk probeerde lange tijd uit de monocultuur van de 911 te stappen, maar zonder succes, zelfs met meer betaalbare modellen zoals de 924 en de 944. Met de Boxster vond Porsche eindelijk de juiste formule door ingrediënten van de 911 over te nemen, zoals de flat-six achter de inzittenden, de gestroomlijnde lijnen en de centrale toerenteller… maar dit keer in de vorm van een roadster met middenmotor. Het succes was enorm en in de praktijk rijdt de auto echt heerlijk.
Advertentie – lees hieronder verder
Vandaag vind je er massaal onder de 20.000 euro. Maar let op: de Boxster 986 is niet zo betrouwbaar als de luchtgekoelde modellen. Dertig jaar later zijn de gebreken goed bekend. Afhankelijk van de versie zijn dat onder meer: de beruchte IMS-lager, het expansievat, olielekken en – als kers op de taart – een afwerking die te wensen overlaat, vooral bij de eerste exemplaren.
Volvo 480
Een Volvo uit de jaren tachtig: dan verwacht je een betrouwbaarheid als die van een vrachtwagen, toch? Wel, dit model heeft ook zijn zwakke punten. Nochtans weet hij te verleiden: met zijn klapkoplampen, glazen achterklep en strakke lijn valt de 480 duidelijk op. Bovendien is het een vrij toegankelijke klassieker, met prijzen ruim onder de 7.000 euro. Het perfecte plaatje?
Niet helemaal. De 480 werd gebouwd in de voormalige DAF-fabriek in Nederland en kan daardoor niet dezelfde robuustheid claimen als de 240. De motor (met of zonder turbo), afkomstig van Renault, vormt eigenlijk niet het grootste probleem: goed onderhouden houdt hij het lang vol. Sommige eigenaars melden versnellingsbakproblemen, maar vooral de carrosserie verdient een grondige inspectie, want de 480 roest duidelijk sneller dan zijn Zweedse broertjes. En alsof dat nog niet genoeg is, kan de achterklep lekken en heeft de elektronica (de CEM-module) soms kuren.
Toyota MR2
Een betrouwbare Toyota lijkt bijna een pleonasme. Toch bestaan er uitzonderingen… zoals deze charmante Toyota MR2 van de derde generatie, vandaag te vinden rond 10.000 euro. Op het eerste gezicht is het een origineel alternatief voor de Mazda MX-5. Met zijn motor centraal achterin en zijn mini-Ferrari-look lijkt hij heel wat troeven te hebben. En dat klopt ook grotendeels… behalve bij exemplaren van vóór de facelift van 2002.
Daar is sprake van een hoog olieverbruik, wat de voor-katalysatoren kan beschadigen en uiteindelijk ook de motor kan aantasten. Op fora lees je echte horrorverhalen, met bijvoorbeeld keramische brokstukken die in de verbrandingskamer worden gezogen, met alle gevolgen van dien… Gelukkig werd dit probleem vanaf 2002 opgelost.
Land Rover Defender
Je ziet hem meteen als een avonturier, klaar om de zwaarste omstandigheden te trotseren. Zijn eenvoudige constructie met bijna geen elektronica (weliswaar afhankelijk van de versie) doet vermoeden dat hij onverwoestbaar is. En met een ontwerp dat teruggaat tot vlak na de Tweede Wereldoorlog en een aluminium carrosserie (die dus niet roest) zou hij eigenlijk eeuwen moeten meegaan.
Maar nee: de Defender is niet onsterfelijk. Hij is gewoon gemakkelijk te herstellen. En reparaties zal hij waarschijnlijk nodig hebben. Eerst en vooral is er corrosie, want het chassis is wél van staal. Voeg daar structurele olielekken, soms grillige elektriciteit en een hemelbekleding die graag je haar streelt aan toe… Begrijp ons niet verkeerd: de Defender is geen kwetsbare auto. Het is gewoon een voertuig uit een andere tijd, dat meer en regelmatiger onderhoud vraagt dan moderne auto’s. Als hij goed wordt onderhouden, brengt hij je tot het einde van de wereld. Maar dat gebeurt niet altijd, waardoor veel exemplaren gewoon versleten zijn. Goede exemplaren vind je vanaf ongeveer 18.000 euro.
Cadillac Fleetwood/Eldorado HT4100
Op het eerste gezicht lijkt een grote Amerikaanse auto – en dan nog een Cadillac – met een weinig belaste V8-motor wel eeuwig mee te kunnen gaan. Helaas bestaan er uitzonderingen. Begin jaren tachtig, toen Cadillac vaak kritiek kreeg op het enorme verbruik van zijn modellen, wilde het merk bewijzen dat luxe en efficiëntie konden samengaan. Na een eerste rampzalige ervaring met de V8-6-4, die cilinders kon uitschakelen, presenteerde het merk de HT4100-motor, voor ‘High Technology’. Op papier was dat een kleine revolutie: een aluminium blok, gietijzeren cilinderkoppen en elektronische injectie.
Helaas wordt deze motor vaak beschouwd als een van de slechtste uit de geschiedenis van het merk. Van koppakkingen die het begeven tot poreuze motorblokken, overmatige slijtage van de nokkenassen en een kwetsbare oliepomp: het was een echte ramp. Kortom: wees bijzonder voorzichtig, zelfs al kan een prijs van ongeveer 15.000 euro voor een mooi exemplaar verleidelijk lijken…
Op zoek naar een auto? Zoek, vind en koop het beste model op Gocar.be