Begin jaren zeventig bemachtigt de Oostenrijkse rijder Niki Lauda eerst een zitje in de Formule 2 en daarna in de Formule 1, maar zijn debuut verloopt moeizaam. In 1973 treedt hij zonder sponsor toe tot het Britse BRM-team. Het seizoensbegin is niet buitengewoon, maar er gebeurt een klein mirakel tijdens de Grote Prijs van Monaco, waar hij zich op de derde plaats nestelt achter Jacky Ickx, alvorens op te geven. Hij laat zich ook opmerken in uithoudingsraces zoals de 24 Uren van de Nürburgring, die hij wint. Uiteindelijk trekt deze veelbelovende jonge rijder de aandacht van Enzo Ferrari, die beslist hem het volgende seizoen aan te werven.
Nog voor hij het stuur van de 312B-eenzitter in handen krijgt, schenkt de ‘Commendatore’ Lauda een fonkelnieuwe Ferrari 365 GT4 2+2 als bedrijfswagen. Dit model, dat in 1972 werd voorgesteld en door Pininfarina werd getekend, brak radicaal met het verleden. De jaren zestig waren definitief voorbij: de ronde vormen maakten plaats voor erg geometrische lijnen en overal scherpe hoeken.
Comfortabel en snel
De 365 GT4 2+2 is veel ruimer dan de vroegere Ferrari’s met 2+2-zitplaatsen. Hij biedt veel comfort en laat vier volwassenen aangenaam plaatsnemen. Het vernieuwende design van dit model zou later worden overgenomen door de 400 en 412, tot in 1989. Hij is misschien minder sensueel dan andere Ferrari’s uit de vroege jaren zeventig, maar de 365 GT4 2+2 blijft een elegante en boeiende verschijning.
Advertentie – lees hieronder verder
Deze GT, gebouwd om lange afstanden te verslinden, had een mechaniek die zijn edele embleem waardig was: een 4.4 V12 met vier bovenliggende nokkenassen. Aangevoerd door zes Weber-carburateurs levert hij 320 pk, goed voor een topsnelheid van 245 km/u voor deze Italiaanse schone.
Nieuwe kleur
De coupé werd op 3 december 1973 aan Lauda geleverd, oorspronkelijk in Argento Metallizzato met een interieur in blauw leder. Hij droeg toen een Italiaanse transit-inschrijving (EE 60519). Daarna nam Lauda hem mee naar Oostenrijk, waar hij hem in 1975 weer van de hand deed vanwege de hoge invoerkosten.
De Ferrari wisselde nadien meermaals van eigenaar, maar bleef al die jaren in Oostenrijk. In de jaren tachtig werd hij gerestaureerd, maar daarbij verloor hij helaas zijn originele kleur ten voordele van een metallic rood dat niet lijkt voor te komen in het oorspronkelijke kleurenpalet. Opmerkelijk detail: de laatste eigenaar kende lange tijd de voorgeschiedenis van zijn auto niet en kwam toevallig te weten dat hij van Lauda was geweest.
In een mooie staat en met ‘matching numbers’ wordt deze wagen geschat op 180.000 tot 220.000 euro. Eens te meer doet de bijzondere herkomst de waardering oplopen. Maar volstaat dat om prijzen te rechtvaardigen die bijna 50% hoger liggen dan voor een exemplaar dat ooit eigendom was van een illustere onbekende? Het antwoord kennen we op 18 oktober.
Op zoek naar een auto? Zoek, vind en koop het beste model op Gocar.be