Echt populair is Subaru nooit geweest in onze contreien. Op de periode van de snelle Impreza’s na misschien, toen de Japanse fabrikant ook voor de liefhebbers lekkers in huis had. Maar wél had het altijd een schare trouwe klanten en bewonderaars, omwille van zijn eigengereidheid.
Het maakt immers auto’s volgens geheel eigen recept, met een architectuur die anders was dan die van elke andere personenwagen. Met een boxermotor voorin en permanente vierwielaandrijving, die voor een zeer karakteristiek én superieur weggedrag zorgden.
Advertentie – lees hieronder verder
Met de definitieve invoering van de Euro 7-uitstootnorm aan de horizon, gaan de Japanners hem echter van de Europese markt halen. Vanaf eind 2027 zullen er enkel nog elektrische auto’s op stal hebben.
Ooit alomtegenwoordig
Boxermotoren waren ooit alomtegenwoordig: zowel de Citroën 2CV als de Volkswagen Kever, twee modellen die de auto democratiseerden voor een brede middenklasse, hadden er een. Ook andere iconische modellen als de Alfa Romeo Alfasud, DAF 33 of Citroën GS werden aangedreven door een ‘platte’ motor, met tegenover elkaar liggende cilinders.
Inmiddels is er evenwel een technische consensus over de ideale architectuur voor personenwagens met verbrandingsmotor, met voorin een dwarsgeplaatste lijnmotor met aandrijving op de voorwielen. Van de Dacia Sandero tot BMW X1 is zowat elke personenwagen opgebouwd volgens deze principes. Enkel luxemodellen met grotere verbrandingsmotoren en achterwielaandrijving wijken er nog van af, maar ook daarin vind je geen boxermotor.
Subaru bleef als enige koppig vasthouden aan de boxer. Met zijn lage zwaartepunt en plaatsing in de lengterichting combineerde die goed met de permanente vierwielaandrijving waaraan de Japanse fabrikant altijd vasthield. Het zorgde voor een uniek weggedrag, met veel grip, stabiliteit en ophangingscomfort, omdat de ophanging minder stug moet zijn om rolbewegingen te counteren. Ook de inherent stillere en meer trillingsvrije werking, doordat de bewegingen van de cilinder elkaar opheffen, is een merkbaar voordeel.
Advertentie – lees hieronder verder
De nadelen nam Subaru erbij, zoals de bredere bouw, die onderhoud aan de aan weerszijden geplaatste cilinderkoppen bemoeilijkte. Die maakte de bouw ook duurder, en bovendien is het bij dit motorconcept moeilijker om de emissie schoon te krijgen.
Dat laatste doet hem nu de das om. Vanaf november 2027 moet elke auto op de Europese markt voldoen aan de Euro 7-norm, en die (financiële) inspanning gaan de Japanners, die sowieso al weinig auto’s afzetten in onze contreien, zich niet getroosten. En dus is het over een jaar gedaan met boxermotoren, die sowieso enkel nog in de Crosstrek en de Forester gemonteerd zitten. Vanaf dan is Subaru exclusief elektrisch in Europa, met modellen als de Uncharted, Solterra en E-Outback.
De 911 als laatste der mohikanen
Is dit het definitieve einde van de boxermotor op de Europese markt? Welneen, want er is natuurlijk nog Porsche, dat achterin de 911 altijd al een zescilinderboxer heeft gehad. En die is zo iconisch dat het buiten kijf staat dat de Stuttgarters hem houden, ook al moet hij aangepast worden om aan de Euro 7-norm te voldoen. In de prijsklasse van de ‘Neunelfer’ is die investering (en het duurdere onderhoud) ook beter haalbaar dan bij gewone gezinswagens.
De boxer hoort dan ook bij de 911 als mayonnaise op een pak frieten. Alleen al omdat de plaatsing in de lage staart moeilijk zou zijn voor een lijn- of V-motor, maar ook omdat het geluid en de trillingsarme werking nu eenmaal tot het kern-dna van het model horen, terwijl het lage zwaartepunt de wegligging helpt.
Duizenden Belgische bestuurders volgen Gocar om op de hoogte te blijven en om de beste wagendeals te ontdekken. U toch ook? Blijf op de hoogte: