Begin jaren zeventig legde Volkswagen in Wolfsburg de nog broze fundamenten van de elektrische mobiliteit van de toekomst. De ontwerpers van de Transporter – ook wel liefkozend ‘Bulli’ genoemd – en de Kever richtten een ontwikkelingsafdeling op die het eerste Volkswagen-model met elektrische aandrijving zou ontwerpen.
Al in die tijd was het de bedoeling om alternatieve energiebronnen te gebruiken om minder afhankelijk te zijn van fossiele brandstoffen en zonder uitstoot in steden te kunnen rondrijden. In 1972 presenteerde het merk op het salon van Hannover een eerste prototype: een pick-up met open laadbak. Niet lang daarna begon de korte productieperiode van de elektrische Transporter van Volkswagen. Die was er niet alleen als pick-up, maar ook als minibus en bestelwagen, en bood een nuttig laadvermogen van 800 kg. En dat ondanks de batterij, die op zich al 880 kg woog.
Experiment
Een van de deelnemers aan deze grootschalige test was de stad Berlijn. Die schaftte over enkele jaren tijd zeven elektrische Transporters aan. Een daarvan was een T2 die in 1978 werd ingeschreven door de stedelijke vervoersdiensten van Berlijn, die het project heel ernstig namen: met een batterijwisselstation kon de lege batterij onder de vloer in amper vijf minuten vervangen worden door een volle.
Advertentie – lees hieronder verder
Het was ook mogelijk om op te laden via een aansluiting aan de achterkant van het voertuig. Meer dan veertig jaar geleden beschikte deze Transporter, die zijn tijd ver vooruit was, al over een systeem voor energierecuperatie. Daarbij werd kinetische energie tijdens het remmen opgeslagen – voldoende om de Bulli tot 85 km ver te laten rijden. De aandrijving kwam van een gelijkstroommotor die continu 22 pk leverde, met een piek van 44 pk. Het maximale koppel bedroeg 160 Nm.
Voorloper
Met batterijen woog de Elektro-Transporter in totaal 2.170 kg en haalde hij een topsnelheid van 75 km/u, wat volstond voor gebruik in de stad. Van vooruit naar achteruit schakelen gebeurde met een eenvoudige schakelaar op het dashboard.
De wagen werd destijds verkocht voor 60.000 DM, een bijzonder hoog bedrag in vergelijking met de 17.000 DM die een gewone T2 kostte. Geen wonder dus dat de Elektro-Transporter slechts in kleine aantallen werd gebouwd. Afhankelijk van de bron is sprake van 150 tot 200 exemplaren, geproduceerd tot in 1978.
Vandaag zijn er nog een paar exemplaren overgebleven, waarvan sommige zelfs nog rijden. Zoals het exemplaar dat bewaard wordt in het museum van Autostadt, het themapark van Volkswagen in Wolfsburg.
Op zoek naar een auto? Zoek, vind en koop het beste model op Gocar.be