Porsche verdedigt de verbrandingsmotor met onwrikbare overtuiging. Het merk zet alles op alles om zijn motoren te behouden: van synthetische brandstoffen en grootschalige hybridisatie tot voortdurende optimalisatie van zijn mechanische architecturen, zoals de zescilinder-boxermotor. Stuttgart heeft nooit onder stoelen of banken gestoken dat het de verbrandingsmotor wil laten voortbestaan, ongeacht toekomstige regelgeving.
Die houding wordt nog versterkt door de commerciële tegenwind die zijn volledig elektrische gamma ervaart, waardoor Porsche zijn strategie moest bijsturen. De recente indiening van een patent bij het Duitse octrooibureau (DPMA) onderstreept die vastberadenheid opnieuw. Op spectaculaire wijze zelfs. Op papier heeft Porsche namelijk een motor ontwikkeld die aan boord en in realtime zelf waterstof kan produceren, zonder dat daarvoor een opslagtank nodig is. In theorie zou dat een doorbraak van formaat zijn.
Koude start: vijand nummer één
Maar wat is eigenlijk het doel van dit octrooi en die interne waterstofproductie? Het antwoord is verrassend concreet … en onverwacht. Porsche wil vooral één probleem aanpakken: de katalysator zo snel mogelijk op temperatuur brengen bij het starten van de motor.
Want precies daar wordt de uitstoot beslist. Zolang de katalysator zijn optimale werkingstemperatuur niet heeft bereikt, doet hij vrijwel niets en blijven schadelijke emissies ongefilterd de lucht in gaan.
Advertentie – lees hieronder verder
Dit fenomeen, bekend als de cold start, is vandaag, zonder dat veel mensen het beseffen, een van de grootste obstakels voor de verbrandingsmotor. Zeker in Europa, waar de emissienormen almaar strenger worden, vormt die eerste koude fase een cruciale zwakke plek.
Om dit probleem aan te pakken zonder de aandrijflijn te verzwaren of ingrijpend te wijzigen, heeft Porsche een slimme oplossing bedacht: het injecteren van waterstof in een specifieke cilinder. De verbranding daarvan genereert uitlaatgassen die heet genoeg zijn om de katalysator in zeer korte tijd op temperatuur te brengen. Zodra die optimale werkingstemperatuur is bereikt, schakelt het systeem zichzelf weer uit. Waterstof fungeert hier dus niet als primaire brandstof, maar als een tijdelijke katalysatorversneller. Een hulpmiddel dus om de opwarmfase te verkorten, en niets meer dan dat.
160 jaar oud principe
Toch is deze technologie allesbehalve futuristisch. Ze steunt op een al lang bekend proces: de elektrolyse van water, waarbij waterstof en zuurstof van elkaar worden gescheiden met behulp van elektrische stroom.
Het principe gaat terug tot 1866 en werd onder meer geformaliseerd met het Hoffmann-apparaat, een van de meest fundamentele elektrolyse-opstellingen in de geschiedenis van de wetenschap.
Concreet slaat het systeem water op, produceert het op aanvraag waterstof en injecteert die direct stroomafwaarts van de turbocompressor in een cilinder. Zo wordt elk risico op ontbranding in het inlaatspruitstuk vermeden.
Het resultaat is een oplossing die slechts minimale extra hardware vereist. Wat vooral nieuw is, is de integratie in een conventioneel voertuig met verbrandingsmotor—niet om elektriciteit op te wekken, maar om de uitstoot te verlagen.
We staan nog ver af van de waterstofprogramma’s van Toyota en BMW, die waterstof juist als hoofdbrandstof onderzoeken, via brandstofcellen of directe verbranding. Porsche kiest een andere weg en mikt niet op rijden op waterstof.
Dit octrooi betekent dan ook niet dat dit emissiereductiesysteem morgen al in productie gaat. Maar het zegt wel veel over de intenties van het merk: in de strijd om de levensduur van de verbrandingsmotor te verlengen, heeft Porsche nog altijd enkele sterke troeven achter de hand.
Op zoek naar een auto? Zoek, vind en koop het beste model op Gocar.be