Voor de automobilist die elke dag rijdt, is het uiteraard een schok. Maar wat is de impact voor een verzamelaar? Zal deze stijging van de olieprijs hem afremmen om nog te gaan rijden, of zelfs in zijn aankopen?
Beperkt aantal kilometers
In België rijdt de gemiddelde automobilist ongeveer 15.000 km per jaar (volgens cijfers van Car-Pass), terwijl een oldtimer gemiddeld slechts een tiende daarvan aflegt, dus tussen 1.000 en 1.500 km per jaar (cijfers van BEHVA).
Omdat oldtimers meestal op E5-benzine rijden (de vroegere 98), moet de stijging van de benzineprijs sterk gerelativeerd worden. Een kleine wagen met een tank van 30 liter kost ongeveer zestig euro voor een volle tank, dus 6 euro meer dan een maand geleden. Aangezien de eigenaar waarschijnlijk tussen 60 en 80 liter per jaar tankt, komt de extra uitgave neer op de prijs van een pizza margherita in een restaurant. Uiteraard, als de wagen van een ander kaliber is en een tiental liters meer verbruikt, zal dat extra bedrag verdubbelen.
Concreet: afhankelijk van het verbruik van je oldtimer (meestal tussen 8 en 15 l/100 km), ligt de extra kost op jaarbasis tussen 15 en 50 euro, vergeleken met een benzineprijs van 1,7 euro per liter. Het budget loopt dus niet uit de hand…
Advertentie – lees hieronder verder
Wat als een vat straks 200 dollar kost?
Het scenario dat we onlangs aanhaalden – een vat olie van 200 dollar als de crisis blijft duren – zou de benzineprijs op 2,5 euro per liter brengen. Een tankbeurt van 50 liter zou dan 125 euro kosten, voor een jaarlijks benzinebudget tussen 250 en 500 euro, afhankelijk van verbruik en gebruik, en gebaseerd op de gemiddelde kilometrages van BEHVA. De meerprijs zou dan tussen 60 en 150 euro liggen… Maar ook dat moet je relativeren: wie graag kilometers vreet met zijn Cadillac Eldorado zal veel meer betalen dan je buur die drie keer per jaar met zijn 2PK naar de bakker rijdt.
De echte impact
We zagen het al: hoewel de meerkosten niet te verwaarlozen zijn, blijven ze beperkt in vergelijking met andere uitgaven, zoals onderhoud, banden of herstellingen. Xavier Molenaar, zaakvoerder van het grote garagebedrijf Oldtimerfarm, bevestigt dat: “Brandstof is meestal geen probleem voor verzamelaars. Mensen kopen wat ze mooi vinden, zelfs als het veel verbruikt. Het beste bewijs zijn synthetische brandstoffen, die soms bijna 5 euro per liter kosten en toch kopers vinden. De eigenaar denkt: ‘als het goed is voor mijn auto, dan koop ik het.’”
Toch kan deze prijsstijging een psychologisch effect hebben en de manier waarop we onze passie beleven veranderen. Je kunt je voorstellen dat ritten wat lokaler worden en spontane uitstappen iets zeldzamer… Waarom? Niet omdat rijden onmogelijk wordt, maar omdat spontaniteit duurder wordt.
Welke impact op de markt?
Een beginner die zich niet goed geïnformeerd heeft, kan afgeschrikt worden door wat hij ziet als een brandstofverslindend zwart gat. Maar dat is eerder een extreem en zeldzaam geval. Volgens Xavier heeft de huidige crisis eerder het omgekeerde effect: “Bij elke crisis – of het nu 2008, corona of deze is – zien we dat de auto een veilige investering wordt. En dat merken we nu duidelijk. Mensen trekken niet meer naar Dubai op vakantie, maar verwennen zichzelf door in een auto te investeren.”
Conclusie
Het zou fout zijn te zeggen dat een stijgende benzineprijs de oldtimerwereld zal doden. Het is eerder een passie die misschien iets minder zorgeloos is, maar wel springlevend blijft. Met een oldtimer koop je niet alleen kilometers, maar ook herinneringen en heel wat glimlachen…
Ontdek alle oldtimers op Autoclassic.be
Op zoek naar een auto? Zoek, vind en koop het beste model op Gocar.be