Het nieuws is opvallend: volgens een Politico-enquête bij 6.700 respondenten in zes EU-lidstaten zijn Belgen het meest gekant tegen het Europese verbod op nieuwe benzine- en dieselwagens vanaf 2035. Met 72% ligt dat percentage hoger dan in alle andere onderzochte landen. Nog vóór Polen, Italië, Spanje en Frankrijk. Zelfs Duitsland scoort duidelijk lager, terwijl daar net intensief tegen de maatregel werd gelobbyd door autobouwers en Europarlementsleden. Daar is “slechts” 60% tegen. De Belgische weerstand ligt dus opvallend hoog. Moeilijk te begrijpen. Of toch niet?
Most Europeans oppose giving up combustion engine cars despite the EU's efforts to phase them out within the next decade, according to a POLITICO survey.https://t.co/ZS3ooZshCx
— POLITICOEurope (@POLITICOEurope) April 10, 2026
Wat het nog opvallender maakt, is dat de verkoopcijfers een heel ander verhaal vertellen. In 2025 waren volledig elektrische auto’s goed voor 34,7% van de nieuwe inschrijvingen in België ofwel dubbel zoveel als het Europese gemiddelde (17,4%). Voor het eerst vormen ze zelfs het grootste aandeel in de markt. Elektrisch rijden lijkt hier nochtans makkelijker te omarmen, met korte afstanden en een van de dichtste laadnetwerken van Europa. Waarom dan toch dat “nee”?
Advertentie – lees hieronder verder
Echte drijfveer
Waar komt die tegenstelling vandaan? De verklaring is eigenlijk vrij eenvoudig: de fiscaliteit rond bedrijfswagens. De hervorming werd al in 2022 beslist, met een stapsgewijs strenger wordend tijdschema. Sinds 1 januari 2026 zijn voertuigen met een verbrandingsmotor die door bedrijven worden besteld, fiscaal niet langer aftrekbaar. Ook kosten voor fossiele brandstof worden niet meer aanvaard als beroepskosten.
Volledig elektrische wagens blijven daarentegen 100% aftrekbaar. Bovendien is de CO₂-bijdrage voor werkgevers (de maandelijkse taks op bedrijfswagens met verbrandingsmotor) sinds midden 2023 verviervoudigd. Een dieselbedrijfswagen kan vandaag al snel zo’n 500 euro per maand kosten. In die context heeft een rationeel rekenende zelfstandige of vlootbeheerder eigenlijk geen keuze meer: hij moet overstappen op elektrisch. Niet uit overtuiging, maar puur om financiële redenen. Dat zie je ook in de cijfers: in 2024 werd 86% van de elektrische wagens in België door bedrijven ingeschreven. Dat is de realiteit.
En het andere België?
Particulieren van hun kant blijven massaal trouw aan benzine. Bij privéaankopen is de verbrandingsmotor nog altijd goed voor bijna twee derde van de inschrijvingen. Zonder bedrijfswagen en fiscale voordelen ziet de rekensom er anders uit: een elektrische auto blijft duurder in aankoop, en er heerst nog altijd onzekerheid over restwaarde en batterijlevensduur. Daar ligt waarschijnlijk de echte verklaring voor de resultaten van de Politico-enquête. Het zijn vooral particulieren die hun wantrouwen uiten tegenover het geplande verbod in 2035.
Het debat is bovendien nog lang niet beslecht. Onder druk van de autosector stelde de Europese Commissie in december een nieuw pakket voor dat de deur op een kier zet voor verbrandingsmotoren na 2035, op voorwaarde dat de uitstoot wordt gecompenseerd. Tegelijk kunnen geopolitieke spanningen en aanhoudend hoge energieprijzen het speelveld sneller doen kantelen dan verwacht.
Vandaag groeit de interesse in elektrische auto’s, vooral bij particuliere kopers van tweedehandswagens die intussen tegen aantrekkelijke prijzen worden aangeboden. Dat blijkt ook uit de sterke toename van de belangstelling op online platformen zoals Gocar.be de voorbije weken, een teken dat kostenbewustzijn steeds zwaarder doorweegt. Misschien zet dat deze enquête binnenkort wel op losse schroeven. Wordt vervolgd…
Op zoek naar een auto? Zoek, vind en koop het beste model op Gocar.be