De oorlog in Iran duurt al meer dan een half jaar en dat voelt de automobilist. Niet alleen aan de pomp, waar diesel in België de 2 euro per liter passeerde, maar ook in de showroom. Meerdere autofabrikanten waarschuwen dat de materiaalkosten door het dak gaan. En wie krijgt de rekening gepresenteerd? De consument.
Energie
Heeft waterstof nog een toekomst in de autowereld? Die vraag klinkt vandaag luider dan ooit. Wereldwijd worden steeds meer projecten voor groene waterstof geschrapt omdat de kosten uit de hand lopen. Toch blijven sommige constructeurs vasthouden aan de technologie. Is dat een vooruitziende keuze of een hardnekkige gok op een markt die nooit echt van de grond kwam?
Deze maandag verloor een vat Brent-olie meer dan 6% van zijn waarde. Goed nieuws aan de pomp? Twee Belgische energie-experts betwijfelen dat, elk op hun eigen manier. Achter de tijdelijke rust rond de Straat van Hormuz schuilt een ander front waarmee de markt nog altijd onvoldoende rekening houdt.
BMW, Toyota, Bosch en Repsol testen een hernieuwbare benzine waarvoor geen mechanische aanpassingen nodig zijn. Hun doel: bewijzen dat deze brandstof op grote schaal inzetbaar is en misschien extra versoepelingen van de Europese CO₂-regels én een langer leven voor de verbrandingsmotor afdwingen?
Jarenlang was er één vaste regel voor wie met de auto op vakantie vertrok: tanken in Luxemburg. Het kleine Groothertogdom, ingeklemd tussen drie buurlanden, was dankzij zijn lage brandstofprijzen dé referentie in Europa. Maar deze zomer ziet de kaart er anders uit, met een nieuwe nummer één.
Het akkoord tussen Washington en Teheran doet de prijs van Brentolie stevig zakken. De dieselprijs dook deze dinsdag weer onder 2 euro. Voor automobilisten is dat uiteraard een verademing. Door het ruimen van mijnen in de Straat van Hormuz, de onenigheid over de voorwaarden voor de heropening en de nervositeit op de markten is een terugkeer naar normaal nog niet voor morgen. Maar wanneer dan wel?
De oorlog in Iran heeft de brandstofprijzen aan de pomp doen stijgen. In maart haalden de Belgen de voet van het gaspedaal. Toch verkochten de tankstations meer brandstof dan ooit. In april lijken de oude gewoontes bovendien alweer terug. Hoe valt die paradox te verklaren?
België start met de verkenning van zijn ondergrond op zoek naar natuurlijke waterstof. Als het BE.Hydrogen-programma de aanwezigheid van bruikbare voorraden bevestigt, zal de industrie daar ongetwijfeld als eerste van profiteren. Maar tegelijk rijst de vraag of zo’n ontdekking op termijn ook gevolgen kan hebben voor waterstofmobiliteit.
Vandaag levert een tankbeurt met benzine voor een wagen met verbrandingsmotor de overheid 24 euro aan accijnzen op. Maar hoeveel kost het elektrische equivalent? Tussen 4,40 en 7,70 euro. Inderdaad: rijden met een elektrische wagen betekent minder bijdragen aan de staatskas. Althans voorlopig.
SP95 flirt met de 2 euro per liter. Maar aan de andere kant van de grens, in Frankrijk, kost ethanol E85 slechts 0,80 euro per liter. Deze brandstof mag bij ons niet verkocht worden, maar wekt toch de interesse van een Belgische minister. De vraag is alleen of het voor geïnteresseerde automobilisten financieel interessant zou blijven. En dat is niet zeker...
De topman van Aramco zei het deze week zonder omwegen voor een zaal vol investeerders: dit is “de grootste energieschok die de wereld ooit heeft gekend”. Volgens hem mogen we pas vanaf 2027 opnieuw normale prijzen verwachten, iets wat ook bevestigd wordt door het Internationaal Energieagentschap. In België blijven de prijzen hoog en ze zouden nog kunnen stijgen.