De wet van 16 maart 1968 betreffende de politie over het wegverkeer laat een magistraat nu al toe om in bepaalde gevallen een voertuig verbeurd te verklaren. Die mogelijkheid werd in 2018 licht aangepast. Maar vanaf 1 november 2026 verandert er opnieuw iets, zoals in januari al werd gemeld toen het voorstel voor het eerst in het parlement opdook.
Wie een rijverbod niet naleeft, zal voortaan systematisch zijn auto verbeurdverklaard zien: de magistraat is verplicht die straf op te leggen en de wagen wordt eigendom van de staat. Daarna wordt hij geveild en vloeit de opbrengst naar de staatskas. Dat is iets anders dan een inbeslagname langs de weg. Verbeurdverklaring is een straf die pas na een veroordeling wordt uitgesproken. Alleen in zeer uitzonderlijke omstandigheden mag de rechter ervan afwijken en dan moet hij dat uitvoerig motiveren.
Advertentie – lees hieronder verder
Bedrijfswagens en leasing
Toch bevat de huidige wettekst een belangrijke voorwaarde: de auto moet eigendom zijn van de persoon die het rijverbod heeft overtreden. Een bedrijfswagen of leaseauto die eigendom is van de werkgever of leasingmaatschappij ontsnapt dus aan de verplichting. Federaal parlementslid Wouter Raskin (N-VA), die het wetsvoorstel indiende, erkent de kritiek op dit punt en zou werken aan een aangepaste sanctie voor die overtreders. Maar waarom niet alles tegelijk regelen?
Om deze verstrenging te rechtvaardigen, verwijzen de indieners van het voorstel naar recidive en de noodzaak om de ‘cowboys’ op de weg aan te pakken. Ze baseren zich daarbij op een studie van VIAS uit 2019, waaruit blijkt dat meer dan acht op de tien bestuurders met een rijverbod later opnieuw veroordeeld werden. Dat cijfer vraagt wel om voorzichtigheid: recidive is een ruim begrip en kan ook andere veroordelingen omvatten dan die voor rijden.
Sceptische advocaat
Volgens de wetgever leidt meer strengheid automatisch tot voorzichtiger gedrag bij weggebruikers. Maar dat is wellicht wat kort door de bocht. Bruno Gysels, advocaat gespecialiseerd in verkeerszaken, gelooft er alvast niet in. “We grijpen altijd weer naar meer repressie”, vindt hij. Ook de eigendomsvoorwaarde vindt hij veelzeggend: “Als de bestuurder eigenaar moet zijn, vallen alle bedrijfswagens al buiten de regeling. Maar je mag niet denken dat afwijkend gedrag alleen bij één bevolkingsgroep voorkomt.” Hij werpt ook de vraag op wat er gebeurt in een gezin waarin de ene partner de auto van de andere leent. “Ik zie niet goed wat het verband is tussen de verbeurdverklaring en het gedrag. Volgens mij zal dat mensen niet aansporen om voorzichtiger te zijn”, voegt hij eraan toe.
Een fundamentele kwestie
De advocaat kijkt ook naar het traject dat aan de verbeurdverklaring voorafgaat. “In de zwaarste gevallen is een rijverbod het resultaat van een lang proces. Het begint met acht dagen, daarna volgt recidive, vaak door alcohol, en wordt de duur langer. De auto verbeurdverklaren verandert niets aan het onderliggende probleem dat aangepakt moet worden, namelijk overmatig alcoholgebruik.” Hij noemt de maatregel daarom “discriminerend en wellicht ondoeltreffend”, omdat volgens zijn ervaring maar weinig mensen ermee te maken zullen krijgen. Het valt nog af te wachten hoe dat in de praktijk uitpakt en hoe rechters de maatregel en de “uitzonderlijke omstandigheden” zullen interpreteren.
Advertentie – lees hieronder verder
Duizenden Belgische bestuurders volgen Gocar om op de hoogte te blijven en om de beste wagendeals te ontdekken. U toch ook? Blijf op de hoogte: