Op de Spaanse wegen is onlangs een nieuw verkeersbord opgedoken. Belgische vakantiegangers hebben het deze zomer misschien al gespot: een rechthoekig bord met een blauwe achtergrond, twee voertuigen, een rode cirkel ertussen en de vermelding “70 m”. De boodschap is duidelijk: houd minstens 70 meter veiligheidsafstand om de kans op een botsing te verkleinen. Maar hoewel de bedoeling nobel is, zorgt de uitvoering voor heel wat controverse.
Op sociale media regende het al snel reacties. Veel automobilisten vragen zich af of zo’n afstand in de praktijk wel haalbaar is, zeker in druk verkeer of wanneer een ander voertuig onverwacht invoegt. Bovendien is 70 meter lastig in te schatten. Geen wonder dat sommigen het bord al “boeteautomaat” noemen – een middel dat eerder inkomsten genereert dan ongelukken voorkomt. En eerlijk? Dat klinkt niet geheel onlogisch.
Automatische sancties?
Wat de maatregel extra vervelend maakt: de 70 meter is geen vrijblijvende aanbeveling, maar gaat gepaard met automatische controles. Radars, camera’s en waarschijnlijk ook kunstmatige intelligentie meten de afstand tussen voertuigen. Wie te dicht volgt, riskeert een steile boete van 200 euro en vier strafpunten op het rijbewijs. In zwaardere gevallen kan dat de factuur zelfs oplopen tot 500 euro en een verlies van zes punten.
Advertentie – lees hieronder verder
Anders dan snelheid, die je eenvoudig kunt aflezen op de snelheidsmeter, blijft afstand voor de meeste bestuurders een vaag en abstract begrip. De Spaanse verkeersdienst (DGT) beveelt de tweesecondenregel aan, maar die blijkt weinig intuïtief. Daar komt nog bij dat bestuurders constant moeten anticiperen op invoegend verkeer, wat het naleven van die 70 meter nóg ingewikkelder maakt.
Juridische onduidelijkheid
Verschillende advocaten en automobilistenorganisaties nemen de maatregel zwaar op de korrel en noemen hem juridisch wankel. Zij wijzen erop dat het haast onmogelijk is om objectief te bewijzen dat een bestuurder níét heeft geprobeerd voldoende afstand te houden — zeker wanneer een ander voertuig plotseling invoegt. Daardoor wordt de vraag naar aansprakelijkheid een grijze zone, met het risico dat sancties willekeurig worden opgelegd.
De vraag stelt zich dus: verhoogt dit nieuwe verkeersbord écht de veiligheid, of zorgt het juist voor extra stress en gevaarlijk gedrag — zoals plotseling remmen om een boete te vermijden, met alle risico’s en files van dien? Pas na verloop van tijd zal blijken wat de echte impact is: minder ongevallen … of vooral meer boetes.
België hanteert meer empirische benaderingen
In België geldt, anders dan in Spanje, geen vaste afstandsregel voor lichte voertuigen. De wet schrijft enkel voor dat bestuurders altijd moeten kunnen stoppen voor een voorzienbaar obstakel. Om hen toch houvast te geven, bestaan er vuistregels: de bekende ‘tweesecondenregel’ of de eenvoudige formule waarbij je de snelheid door twee deelt om de afstand in meters te bepalen (bijvoorbeeld 60 meter bij 120 km/u).
Toch blijven ook onze regels niet dezelfde. De nieuwe Openbare Wegcode, die op 1 september 2026 ingaat, bepaalt dat vanaf dat moment “de veiligheidsafstand die moet worden aangehouden ten opzichte van het voorliggende voertuig overeenkomt met de afstand die dit voertuig aflegt in een tijdsbestek van ten minste twee seconden in zones waar de snelheid hoger is dan 50 km/u.”
Deze regel – die met de nieuwe AI-tools en het uitgebreide netwerk van ANPR-camera’s gecontroleerd kan worden – zal voor veel automobilisten lastig blijken. Een handige tip is om te letten op de lantaarnpalen langs de snelweg: die staan ongeveer elke 50 meter en vormen zo een goed referentiepunt. In Spanje werkt die methode echter minder goed, omdat buiten de steden nauwelijks lantaarnpalen staan. Tot die tijd is het slim om alvast te oefenen, zodat je op het uur U niet voor verrassingen komt te staan.
Duizenden Belgische bestuurders volgen Gocar om op de hoogte te blijven en om de beste wagendeals te ontdekken. U toch ook? Blijf op de hoogte:
- Bezoek gocar.be regelmatig
- Volg Gocar op Google Nieuws
- Abonneer op de Gocar-nieuwsbrief