De essentie:
Om de tien miljard voor de federale begroting te vinden, ligt de piste van de bedrijfswagen opnieuw op tafel als onderdeel van een pakket fiscale voordelen dat het Federaal Planbureau op 4,5 tot 5,5 miljard euro raamt, of bijna de helft van de inspanning.
Alleen al het schrappen van het voordeel voor bedrijfswagens zou tussen 2 en 4 miljard euro opleveren, maar omdat de werknemer slechts belast wordt op een fractie van de werkelijke kostprijs van de auto, blijft de gebruiker zwaarder belasten de meest rendabele optie.
De rekening voor de bestuurder verhogen zou neerkomen op een lager nettoloon, wat lijnrecht ingaat tegen de belofte van de coalitie in om werk beter te belonen, terwijl de markt voor bedrijfswagens al tekenen van vertraging vertoont.
De Belgische staat staat onder druk. Tegen 2029 moet de regering-De Wever immers tien miljard euro vinden en die oefening heeft veel weg van een riskante operatie. Een meningsverschil kan de Arizona-coalitie ten val brengen en het land opnieuw naar de stembus sturen. In de lijst met mogelijke pistes springt één categorie in het oog, want ze vertegenwoordigt bijna zes op de tien nieuwe auto’s die in België verkocht worden: de bedrijfswagens.
Advertentie – lees hieronder verder
De helft van de inspanning?
In juni legde het Federaal Planbureau de regering een catalogus voor met meer dan 260 mogelijke besparingsmaatregelen. Een daarvan viseert een reeks fiscale voordelen, zoals bedrijfswagens, tankkaarten, ecocheques en maaltijdcheques. Het schrappen van die voordelen zou tussen 4,5 en 5,5 miljard euro opleveren. Dat is bijna de helft van de inspanning die nodig is. Kijken we alleen naar de bedrijfswagen, dan zou die volgens het Planbureau tussen 2 en 4 miljard euro vertegenwoordigen. Vincent Van Peteghem (CD&V), minister van Begroting, heeft voor de start van de gesprekken al een mogelijke herziening van het systeem van bedrijfswagens genoemd.
Twee opties
Het mechanisme is eenvoudig. Een werknemer die met een bedrijfswagen rijdt, betaalt geen belasting op de werkelijke kostprijs van de auto, maar op een geraamd voordeel: het bekende voordeel alle aard (VAA). Dat bedrag hangt af van de catalogusprijs, de leeftijd van de auto, zijn aandrijving en het verschil tussen zijn CO₂-uitstoot en het marktgemiddelde. Deze auto’s zijn ook vrijgesteld van persoonlijke socialezekerheidsbijdragen. Resultaat: de bestuurder wordt maar belast op een fractie van wat de auto werkelijk kost.
Om het evenwicht te herstellen, zijn er twee opties. Ofwel wordt de werknemer zwaarder belast door het voordeel op zijn loonfiche te verhogen. Ofwel draait men de duimschroeven aan bij de werkgever door te beperken wat het bedrijf fiscaal kan aftrekken. Maar die tweede piste is al ingezet. Een auto met verbrandingsmotor die sinds 2026 wordt besteld, geeft geen enkel recht meer op fiscale aftrek. Ook de elektrische auto ontsnapt niet aan de verstrenging. Een emissievrije auto die in 2026 besteld wordt, blijft voor 100% aftrekbaar, maar dat percentage daalt naar 95% voor een bestelling in 2027, vervolgens naar 90% in 2028, 82,5% in 2029, 75% in 2030 en 67,5% vanaf 2031. Het is dus de werknemer die in de vuurlinie dreigt te komen.
Fiscale ommezwaai
De optie om de werknemer zwaarder te belasten, ligt erg moeilijk. De bestuurder meer belasten betekent zijn nettoloon afromen, wat indruist tegen de oorspronkelijke belofte van de coalitie om werk beter te belonen. Ook voor de autosector ligt dat moeilijk. De markt voor bedrijfswagens vertoont al tekenen van vertraging. In het eerste kwartaal daalde het aandeel professionele inschrijvingen tot 51,2%, tegenover 58,3% een jaar eerder. FEBIAC wijst op verzadigde wagenparken in combinatie met een voortdurend veranderende fiscaliteit. Particulieren kopen opnieuw meer nieuwe auto’s, maar dat volstaat niet om het tekort goed te maken.
Woede
Het debat beperkt zich allang niet meer tot de ministeriële kabinetten. De VRT peilde bij haar lezers en kreeg tientallen reacties die veel zeggen over de Belgische verdeeldheid rond de bedrijfswagen. Aan de ene kant zijn er mensen die het systeem discriminerend vinden omdat het voorbehouden is aan een bepaalde groep. Aan de andere kant staan mensen voor wie de auto een onmisbaar werkinstrument blijft en geen privilege is. Voor beide standpunten valt iets te zeggen. Het systeem ontstond ooit om Belgische fabrieken te ondersteunen, waar vandaag alleen Volvo Gent nog van overblijft. Sindsdien werd het nooit herbekeken. In plaats van de belastingen op arbeid te verlagen zoals beloofd, zou de regering de bedrijfswagen weleens opnieuw zwaarder kunnen belasten, die oude fiscale melkkoe waar ze altijd weer naar kan grijpen.
Duizenden Belgische bestuurders volgen Gocar om op de hoogte te blijven en om de beste wagendeals te ontdekken. U toch ook? Blijf op de hoogte:
- Bezoek gocar.be regelmatig
- Volg Gocar op Google Nieuws
- Abonneer op de Gocar-nieuwsbrief