Geen pandemie of geopolitieke spanningen, zoals de Russische invasie in Oekraïne, maar de explosieve groei van artificiële intelligentie veroorzaakt de volgende halfgeleidercrisis, zo meldt het Duitse vakblad Automobilwoche.
Waar autobouwers enkele jaren geleden nog moesten concurreren met producenten van consumentenelektronica, zijn het vandaag vooral de AI-giganten die de groothandelsmarkt voor geheugenchips leegkopen. De gevolgen laten zich steeds duidelijker voelen, met stijgende prijzen en een groeiende bezorgdheid over de bevoorrading.
De directe aanleiding is de fors gestegen vraag naar DRAM-geheugenchips, een essentieel onderdeel van AI-datacenters. Bedrijven als Google, Microsoft en OpenAI investeren miljarden in zulke infrastructuur en hebben daarvoor gigantische hoeveelheden geheugenchips nodig. Volgens marktanalisten stegen de groothandelsprijzen van dergelijke chips tussen september 2025 en januari 2026 met ongeveer 450 procent.
Die prijsstijging blijft niet beperkt tot de technologiesector. Ook de auto-industrie, die steeds afhankelijker wordt van geavanceerde elektronica, betaalt de rekening.
Advertentie – lees hieronder verder
Hogere inkoopprijzen
Geen enkele autobouwer wil zich voorlopig uitspreken over mogelijke prijsverhogingen voor nieuwe auto's, al lijkt het weinig waarschijnlijk dat zij de extra kosten volledig zelf zullen dragen. Achter de schermen erkennen verschillende constructeurs en toeleveranciers dat de situatie snel verslechtert.
Uit de onderdelencrisissen van de eerste jaren van dit decennium heeft de sector echter lessen getrokken en het voorraadbeleid bijgestuurd, door leveranciers beter te spreiden, voorraden strategischer op te bouwen en contracten op langere termijn af te sluiten.
Volkswagen benadrukt bijvoorbeeld ook dat de huidige leveringsketens nog intact zijn en zegt voorbereid te zijn mocht de situatie verder escaleren. Ook BMW ziet voorlopig geen acute problemen. Het merk koopt geheugenchips bovendien niet rechtstreeks aan, maar via leveranciers van elektronische voertuigcomponenten, met langlopende overeenkomsten.
Bij Stellantis klinkt een gelijkaardig verhaal. De groep houdt het komende jaar rekening met hogere aankoopprijzen, maar verwacht voorlopig geen impact op de productie of het gamma. Volgens de verantwoordelijke voor de wereldwijde inkoop van elektronica gaat het om een tijdelijke verstoring die tegen 2028 zou moeten afnemen, wanneer extra productiecapaciteit beschikbaar komt. Renault deelt dat optimisme en wijst erop dat de halfgeleiderindustrie de voorbije jaren weerbaarder is geworden.
Nio-topman William Li noemde recent wél man en paard en verklaarde dat de bouwkost van één Nio ES8 inmiddels met (omgerekend) ongeveer 2.600 euro is gestegen omwille van de duurdere halfgeleiders. Voorlopig vangt de Chinese constructeur dat op via lagere winstmarges.
Bevoorradingszekerheid als strategische troef
Grote Duitse toeleveranciers als Schaeffler en ZF namen al eerder maatregelen, door op hun beurt met meerdere leveranciers te werken, met contracten op de langere termijn. Beide erkennen evenwel dat voorspellingen in deze exploderende markt moeilijk blijven.
De Duitse sectorfederatie van electronicaproducenten ZVEI ziet de druk dan weer niet snel verdwijnen, omdat, terwijl de bouw van nieuwe chipfabrieken jaren in beslag neemt. Tegelijk stijgt ook het chipverbruik in auto's jaar na jaar, door elektrificatie, geavanceerde rijhulpsystemen en steeds krachtigere centrale computers. Bevoorradingszekerheid wordt zo meer en meer een strategische troef.
De geschiedenis dreigt zich zo deels te herhalen. Tijdens de coronacrisis annuleerden veel autobouwers hun bestellingen uit vrees voor een langdurige terugval van de autoverkoop. Toen de markt in 2021 en 2022 sneller herstelde dan verwacht, hadden chipproducenten hun capaciteit al toegewezen aan de consumentenelektronica. Het duurde vervolgens jaren voor de productie opnieuw kon worden opgeschaald.
Nieuwe machtsverhoudingen
Vandaag zijn de machtsverhoudingen vergelijkbaar. Amper drie bedrijven – Samsung, SK Hynix en Micron – produceren samen bijna 90 procent van alle DRAM-geheugenchips wereldwijd. Hoewel Samsung en SK Hynix nieuwe fabrieken plannen in Zuid-Korea, zal het nog jaren duren voordat die operationeel zijn.
Dat geeft de chipindustrie een bijzonder sterke onderhandelingspositie, wetende dat AI-bedrijven bereid zijn vrijwel elke prijs te betalen om voldoende capaciteit veilig te stellen. Ook Europese spelers zoals Infineon voelen die machtsverschuiving en geven aan dat just-in-time-leveringen, jarenlang een vanzelfsprekendheid in de auto-industrie, niet langer realistisch zijn.
Zo zijn de grote AI-spelers uitgegroeid tot een nieuwe en rechtstreekse concurrent van de autobouwers, althans aan de inkoopkant. Zolang de vraag vanuit die sector sneller groeit dan de productiecapaciteit, zullen autobouwers hogere kosten moeten slikken en hun bevoorrading veel strategischer moeten organiseren. De kans is dan ook reëel dat de consument uiteindelijk een deel van die rekening zal betalen.
Duizenden Belgische bestuurders volgen Gocar om op de hoogte te blijven en om de beste wagendeals te ontdekken. U toch ook? Blijf op de hoogte:
- Bezoek gocar.be regelmatig
- Volg Gocar op Google Nieuws
- Abonneer op de Gocar-nieuwsbrief