Op 28 mei werd Antonio Filosa benoemd tot topman van Stellantis. Nog geen twee maanden later, op 29 juli, moest hij al de eerste halfjaarcijfers voorstellen. Dat het geen gemakkelijke start zou worden, wisten we al. Maar de cijfers zijn ronduit pijnlijk: een verlies van 2,5 miljard euro, een omzetdaling van 13% (tot 74,3 miljard) en een terugval van de inschrijvingen met 7%. De autogroep die ontstond uit de fusie van PSA en Fiat Chrysler zit in een zware crisis. De operationele marge, ooit 10%, is ingestort tot amper 0,7%. De nieuwe CEO draaide niet rond de pot. “Net als u ben ik teleurgesteld in deze cijfers”, verklaarde hij. En de vooruitzichten voor het jaareinde zijn niet beter.
De slechte resultaten zijn deels te verklaren door 3,3 miljard euro aan uitzonderlijke kosten, onder meer door stopgezette projecten, versnelde terugroepacties (vooral bij Citroën) en het schrappen van verschillende programma’s die nog uit de tijd van Carlos Tavares stamden.
Filosa draait de duimschroeven aan
Filosa kiest duidelijk voor een breuk met het beleid van zijn voorganger. De man wil op heel wat fronten snoeien. Eerste beslissing: de stopzetting van het waterstofprogramma voor bestelwagens, een technologie die Carlos Tavares altijd verdedigde als aanvulling op elektrische aandrijving. Tweede grote wijziging: de decentralisatie van de directiefuncties. Terwijl Tavares inzette op een eengemaakte en geglobaliseerde structuur, wil Filosa opnieuw meer autonomie geven aan Europa en Amerika. Volgens hem zijn de marktspecifieke verschillen daarvoor te groot. Nog een opvallend signaal: in lijn met zijn eerder Amerikaanse dan Europese managementstijl herziet de nieuwe topman ook het telewerkbeleid. Hij wil de teams opnieuw fysiek samenbrengen op kantoor, in de hoop zo de uitvoering van projecten te versnellen.
Advertentie – lees hieronder verder
Terugkeer van de verbrandingsmotor
Ook op productvlak kiest Filosa voor een duidelijke koerswijziging. In Noord-Amerika gaat Stellantis opnieuw grootschalig inzetten op modellen met verbrandingsmotoren, die eerder opzijgeschoven waren tijdens de elektrische transitie. Zo komt de Ram Hemi V8 terug, net als de Jeep Cherokee en de Dodge Charger – modellen die sinds 2023 uit productie waren. De boodschap is duidelijk: volledig elektrisch overtuigt niet elke koper, en al helemaal niet in de VS. Filosa kiest dus voor een flexibelere aanpak, afgestemd op de lokale verwachtingen.
Om die ommezwaai te verantwoorden, verwijst Filosa naar de nieuwe wet van Donald Trump, de Big Beautiful Bill, die de elektrificatieverplichtingen tegen 2030 afschaft. Stellantis zal daar volop gebruik van maken en een hele reeks modellen met klassieke motoren opnieuw lanceren, die bovendien veel winstgevender zijn dan elektrische auto’s.
En in Europa?
In Europa staat alles in het teken van industriële heroriëntering. In Mirafiori, de fabriek in Turijn, wordt voortaan de Fiat 500 als milde hybride gebouwd. Daarnaast zet de groep volop in op succesvolle compacte modellen zoals de Citroën C3 en de Fiat Grande Panda. Ook SUV’s met verschillende aandrijflijnen – gebaseerd op hetzelfde platform als de Peugeot 3008/5008 – maken deel uit van de strategie: denk aan de Citroën C5 Aircross, de DS Nº8 of de Opel Grandland.
Die eerste ingrepen zijn nog maar het begin. De echte veranderingen zullen veel dieper snijden. Filosa zal onder andere het probleem moeten aanpakken van modellen die in Mexico worden gebouwd, zoals de Jeep Grand Cherokee. Die kosten het bedrijf dit jaar 1,5 miljard dollar aan invoerheffingen. Ook is het afwachten wat Filosa van plan is met merken die het moeilijk hebben, zoals Maserati of Alfa Romeo. Eén ding is zeker: de uitdaging is enorm...
Op zoek naar een auto? Zoek, vind en koop het beste model op Gocar.be