Om dat te begrijpen, moeten we terug naar 1998. Toen Mercedes de Smart ForTwo lanceerde – een concept dat oorspronkelijk samen met horlogemaker Swatch was ontwikkeld – ontketende het een kleine revolutie. Met zijn lengte van amper 2,50 meter, achterin geplaatste motor, minimale draaicirkel en slechts twee zitplaatsen was de Smart ongezien op de markt.
De ForTwo was een blikvanger, maar bleek financieel een zware dobber. Volgens onderzoeksbureau Bernstein verloor Mercedes-Benz op de eerste generatie ongeveer 3,35 miljard euro, of zo’n 4.470 euro per verkochte auto. Daarbovenop bleven de verkoopcijfers zo’n 40 procent onder de verwachtingen. De hoge kosten waren vooral het gevolg van de ontwikkeling van een uniek platform en de bouw van een volledig nieuwe fabriek in Hambach, in het Franse departement Moselle.
Toch overleefde de Smart ForTwo. Het model kende drie generaties en pas met de derde kwam er zicht op een rendabel businessmodel. Vanaf 2014 deelde Smart zijn platform met de Renault Twingo III, waardoor de ontwikkelingskosten aanzienlijk daalden. De ForTwo vond uiteindelijk een trouw publiek in de Europese grootsteden, vooral in Italië, waar zo’n 600.000 exemplaren werden verkocht. Vandaag rijden er nog altijd ongeveer twee miljoen ForTwo’s rond in Europa. Opmerkelijk, voor een model waarvan de productie in maart 2024 definitief stopte.
Advertentie – lees hieronder verder
Grote Chinese ommezwaai
In 2019 verkocht Mercedes de helft van Smart aan de Chinese groep Geely. De nieuwe joint venture koos vervolgens voor een opvallende koerswijziging. In plaats van de iconische tweezitter nieuw leven in te blazen, richtte Smart zich op grotere en - theoretisch althans - winstgevender elektrische SUV’s: eerst de #1, daarna de #3 en vervolgens de #5.
Technisch zijn die modellen modern en competitief, maar ze hebben nog weinig gemeen met het imago waarmee Smart groot werd. Zeker in Europa, en zelfs in de Verenigde Staten, waar de ForTwo jarenlang werd verkocht, blijft het merk voor velen synoniem met compacte stadswagens.
Het commerciële resultaat blijft voorlopig bescheiden. In 2025 leverde Smart in Europa ongeveer 12.000 voertuigen af, verspreid over alle modellen. Daar moet verandering in komen. Wolfgang Ufer, CEO van Smart Europe, wil de verkoop in 2026 verdubbelen en mikt op langere termijn opnieuw op jaarlijkse volumes van meer dan 100.000 voertuigen. Ambitie ontbreekt dus niet, maar het bewijs moet nog geleverd worden.
300 kilometer rijbereik en twee zitplaatsen
Tegen die achtergrond maakt de Smart #2 zijn opwachting. Het model werd vorige week als bijna productierijp concept onthuld in Rome, na eerder dit jaar al in Peking te zijn voorgesteld. De wereldpremière staat gepland voor het Autosalon van Parijs in oktober, terwijl de eerste Europese leveringen in het tweede kwartaal van 2027 moeten starten.
Technisch slaat Smart met de #2 een nieuwe weg in. Het model maakt gebruik van het volledig nieuwe Electric Compact Architecture-platform (ECA), dat in slechts 24 maanden werd ontwikkeld. Een deel van dat werk gebeurde in het Duitse onderzoekscentrum van Smart in Renningen. Daarmee neemt de #2 afstand van de #1, #3 en #5, die allemaal op platformen van Geely zijn gebaseerd.
Ook technisch ligt de lat een stuk hoger dan bij de afscheidnemende ForTwo EQ. Die moest het stellen met een WLTP-rijbereik van slechts 130 kilometer. De nieuwe #2 krijgt een batterij van 35,7 kWh en mikt op een autonomie van ongeveer 300 kilometer.
Ook op het vlak van gebruiksgemak zet Smart een stap vooruit. Snelladen van 10 tot 80 procent zou minder dan twintig minuten duren, iets wat bij de vorige generatie onmogelijk was. Binnenin verdwijnen de twee afzonderlijke zetels ten gunste van een doorlopende zitbank met geïntegreerde opbergruimte en een centrale armsteun. Het S-vormige dashboard knipoogt dan weer naar de allereerste ForTwo.
Prijs en positie
Met een lengte van ongeveer 2,72 meter groeit de #2 licht tegenover zijn voorganger, zonder zijn troeven in de stad te verliezen. Ook de draaicirkel van ongeveer zeven meter blijft behouden.
De grote vraag is echter wat dat alles zal kosten. Officiële prijzen zijn er nog niet, maar analisten rekenen op een bedrag tussen 20.000 en 25.000 euro. Wolfgang Ufer liet zelf al verstaan dat een prijs rond 20.000 euro het streefdoel is, al werd dat nog niet officieel bevestigd.
Dat is stevig voor een tweezitter, al was ook de oorspronkelijke ForTwo nooit een koopje. Toen bleek dat geen onoverkomelijk probleem. Of kopers vandaag opnieuw bereid zijn die prijs te betalen, is echter verre van zeker.
Alles hangt af van één factor: de productielocatie. De Smart #2 zal gebouwd worden in een fabriek nabij Peking. Daardoor krijgt het model te maken met de bijkomende invoerheffingen die de Europese Unie oplegt aan Chinese elektrische voertuigen.
Bovendien komt de #2 niet in aanmerking voor de voordelen van het toekomstige E-Cars-programma uit de Industrial Accelerator Act (IAA), het industriële ondersteuningspakket dat de Europese Commissie in maart 2026 heeft voorgesteld. Volgens dat voorstel moeten voertuigen in de Europese Unie worden geassembleerd en minstens 70 procent Europese componenten bevatten – exclusief de batterij – om voor steunmaatregelen in aanmerking te komen. Daarnaast gelden specifieke eisen voor batterijcellen en elektronische systemen.
De Smart #2 voldoet niet aan die voorwaarden. Daardoor zal hij moeten concurreren met goedkopere alternatieven die bovendien vier zitplaatsen bieden, zoals de Renault Twingo E-Tech en de toekomstige Citroën 2CV. De vraag is dan ook of Smart er deze keer wel in slaagt om van zijn iconische stadsauto een winstgevend product te maken. Bijna dertig jaar na de lancering van de eerste ForTwo blijft die uitdaging opvallend actueel.
Duizenden Belgische bestuurders volgen Gocar om op de hoogte te blijven en om de beste wagendeals te ontdekken. U toch ook? Blijf op de hoogte:
- Bezoek gocar.be regelmatig
- Volg Gocar op Google Nieuws
- Abonneer op de Gocar-nieuwsbrief