Bij onze Duitstalige buren is commotie ontstaan rond de hogere uurtarieven die garages aanrekenen voor hun werk aan elektrische wagens. Ze zorgen voor wrevel bij automobilisten, die zich afvragen waarom ze werklieden die aan hun auto sleutelen meer moeten betalen dan vroeger. De Duitse koepelorganisatie voor garagisten, ZDK, schoot in het verweer en zei dat daar niets aberrant aan is. Maar hebben ze ook een punt?
Recordhoogte
Eerst dit: onderhoudsfacturen hebben anno 2026 voor alle auto’s een recordhoogte bereikt, los van hun aandrijving. Dat heeft met prijsinflatie te maken, duurdere lonen en onderdelen die steeds meer kosten. Volgens verzekeraar Dekra is de factuur op zeven jaar tijd met 50% gestegen.
Maar de uurtarieven voor elektrische auto’s liggen hoger dan die van vergelijkbare modellen met een benzine- of dieselmotor. Ook in België, en dat heeft niet alleen met prijsverhogingen te maken. “Je krijgt binnen één atelier vaak verschillende uurtarieven, afhankelijk van het type persoon dat men op een bepaalde job zet”, zegt Filip Rylant, woordvoerder van Traxio. “En dan kijken mensen naar hun elektrische auto en vergelijken ze dat tarief met dat van vroeger, zonder te beseffen wat erachter schuilt.”
Advertentie – lees hieronder verder
Objectief gezien vraagt een elektrische wagen inderdaad minder klassiek onderhoud. Er zijn geen olieverversingen, geen filters en veel minder bewegende onderdelen. “Aan een elektromotor zelf is veel minder werk”, bevestigt Rylant. “Maar wanneer er een tussenkomst nodig is, gaat het quasi altijd over elektronica of het elektrische gedeelte. En dat verandert alles.”
Specifieke opleiding
Zulke diagnoses en ingrepen vereisen hooggekwalificeerd personeel. Dat zijn technici met specifieke opleidingen in hoogvolttechniek, die voortdurend bijgeschoold moeten worden. “Je zet daar mensen op met een diagnoseprofiel, getraind door bijkomende HEV-opleidingen (gericht op veiligheid, red.),” aldus Rylant. “Dat vraagt investeringen, niet alleen in mensen, maar ook in apparatuur.”
De veiligheidsmaatregelen voor elektrische auto’s zijn strikter. Werk aan elektrische voertuigen mag niet zomaar op eender welke brug gebeuren. “Je moet op een geïsoleerde plek staan, met aangepaste ondergrond,” legt Rylant uit. “En bij werken aan de hoogspanningsbatterij moet er altijd een tweede persoon aanwezig zijn, puur voor de bescherming.” Die persoon grijpt in als er iets misloopt, bijvoorbeeld bij elektrocutiegevaar. Isolatiekledij en noodprocedures zijn verplicht. Allemaal voorwaarden die door constructeurs worden opgelegd en die garages moeten naleven om erkend te blijven. Het maakt het kostenplaatje er uiteraard niet goedkoper op.
Verschoven kosten
Maar zou het dan ook niet logischer zijn dat de service en het onderhoud van elektrische auto’s duurder uitvalt? “Onder de meet blijft de factuur toch goedkoper,” zegt Rylant. Ook studies tonen aan dat elektrische wagens over hun levensduur minder onderhoud nodig hebben. Periodieke controles blijven bestaan, afhankelijk van de constructeur jaarlijks of tweejaarlijks, maar ze zijn minder ingrijpend dan bij een klassieke wagen.
Wel verschuiven sommige kosten. Vooral banden wegen zwaarder door. Elektrische en hybride wagens zijn vaak zwaarder en leveren meer koppel, wat leidt tot snellere slijtage. “Daarnaast zie je dat ze vaak specifieke bandenmaten hebben, zoals 21 duim,” zegt Rylant. “Het oogt mooi, maar dat zijn objectief dure banden, speciaal ontwikkeld voor elektrische voertuigen.”
Het resultaat voor batterijrijders is een gemengd beeld: besparingen op klassiek onderhoud, hogere uitgaven op arbeid maar een lager bedrag op de eindfactuur. Dat was ook de conclusie van het Duitse ZDK: globaal genomen valt een elektrische auto niet duurder uit.
Op zoek naar een auto? Zoek, vind en koop het beste model op Gocar.be