In de autowereld woedt een nieuwe stille race die niet langer om vermogen of rijbereik draait, maar om de chronometer. Meer bepaald die van de ontwikkelingstijd. Constructeurs zijn tegenwoordig geobsedeerd door de vraag hoeveel maanden ze nodig hebben om van een blanco blad tot een rijdende auto te komen.
Lange tijd golden de westerse constructeurs als referentie en duurde de ontwikkeling van een auto ongeveer vier jaar. Maar Chinese merken hebben die termijn recent gehalveerd. Tegenover die enorme versnelling trok François Provost, de topman van Renault, in de pers een opvallende rode lijn: twee jaar is het absolute minimum dat zijn groep zichzelf oplegt om een model te ontwikkelen, ongeacht de commerciële druk.
Advertentie – lees hieronder verder
Die uitspraak is opmerkelijk. Renault gebruikt de ‘China Speed’ immers zelf als argument tegenover investeerders. De Twingo E-Tech werd bijvoorbeeld in 21 maanden ontwikkeld, terwijl het nieuwe Futuready 2030-plan belooft om elk voertuig in twee jaar of zelfs minder te ontwikkelen.
Waarom trekt de Renault-topman dan toch een grens, terwijl Chinese constructeurs inmiddels op een ontwikkelingstijd van 18 maanden mikken, onder meer dankzij artificiële intelligentie? Is die terughoudendheid terecht? Eigenlijk wel, want de feiten geven Provost ruimschoots gelijk.
Wat AI niet kan versnellen
Om de ontwikkelingsduur in te korten, hebben Chinese constructeurs een heel arsenaal aan digitale hulpmiddelen geïndustrialiseerd. Denk bijvoorbeeld aan digital twins, digitale kopieën waarmee een auto virtueel kan worden nagebouwd nog voor hij fysiek bestaat. AI versnelt het ontwerp, terwijl simulaties op de computer miljoenen kilometers kunnen afleggen waarvoor vroeger echte testkilometers op de openbare weg of het circuit nodig waren. Dat is allemaal heel reëel. Toch blijft er één obstakel waar zowat alle analyses op wijzen: zulke digitale doorsteekjes kunnen fysieke duurzaamheids- en veiligheidstests niet volledig vervangen.
Wanneer Peking op de rem gaat staan
Het opvallendste signaal komt echter niet uit Europa, maar uit China zelf. Op 27 augustus lanceerden vier ministeries, waaronder het MIIT, het ministerie van Industrie en Informatietechnologie dat toezicht houdt op de sector, een veiligheidscampagne van een jaar. Daarbij worden tot eind 2026 onaangekondigde inspecties uitgevoerd bij een honderdtal constructeurs.
Advertentie – lees hieronder verder
Waarom? Omdat de Chinese autoriteiten hebben vastgesteld dat er auto's op de markt kwamen die niet aan de voorschriften voldeden. Denk aan een wielbasis die niet overeenkomt met de opgegeven cijfers, een hoger verbruik dan aangegeven of zelfs een ontbrekende gebruikershandleiding. Daarom heeft Peking het verplichte aantal testkilometers op de openbare weg voor elektrische auto's verdubbeld, van 15.000 naar 30.000 kilometer.
Nog veelzeggender is dat kaderleden van Geely, Chery en Great Wall openlijk erkennen dat de race om steeds sneller te ontwikkelen erop neerkomt dat klanten proefkonijnen worden voor duurzaamheid en veiligheid. Er zijn dus duidelijk termijnen die je niet zomaar kunt inkorten.
Het is bovendien niet de eerste keer dat de autosector die les leert. In 2010 riep Toyota wereldwijd meer dan 10 miljoen voertuigen terug na problemen met de remmen. Akio Toyoda, voorzitter van de Japanse nummer één, erkende destijds dat het bedrijf te snel was gegroeid en dat dit ten koste was gegaan van de kwaliteitscontrole. Drie jaar later paste Volkswagen zijn validatiecycli in China aan, waarna bij auto's op grote schaal problemen met de DSG-versnellingsbak opdoken.
Maar is iedereen het erover eens dat er grenzen zijn aan hoe snel je een auto kunt ontwikkelen? Niet echt, want de levensduur en betrouwbaarheid van een auto hebben niet op elke markt dezelfde waarde.
Duitse constructeurs pakken bijvoorbeeld uit met duurtests van één of meer miljoenen kilometers, omdat Europese automobilisten hun auto gemakkelijk tien tot vijftien jaar kunnen houden. In China ligt dat anders. De vervangingscyclus van een elektrische auto is er gedaald tot 3 à 5 jaar, tegenover 6 à 8 jaar voor een model met verbrandingsmotor.
Logischerwijs wordt een auto dus anders ontworpen wanneer hij lang moet meegaan dan wanneer hij al na enkele jaren wordt vervangen. De echte vraag is daarom niet hoe snel je een auto kunt ontwikkelen, maar wat een markt bereid is daarvoor op te offeren.
Duizenden Belgische bestuurders volgen Gocar om op de hoogte te blijven en om de beste wagendeals te ontdekken. U toch ook? Blijf op de hoogte:
- Bezoek gocar.be regelmatig
- Volg Gocar op Google Nieuws
- Abonneer op de Gocar-nieuwsbrief